|
'Nixon': monument voor verguisde president
Werktuiglijk maakt hij zijn vertrouwde victorie-teken, voor hij in de gereedstaande
helikopter stapt. Zijn gezicht heeft zich in een grijns geplooid, maar zijn
ogen staan glazig. Nixon begrijpt 't niet. Hij had de kille relatie met
de Sovjet-Unie ontdooid, historische betrekkingen met China aangeknoopt
en een eind gemaakt aan de oorlog in Vietnam. En nu wordt hij als een bedrieger
uit het Witte Huis gejaagd. Waarom toch, waarom?

Het Watergate-schandaal is maar een deel van het antwoord op die wanhopige
vraag. De verguisde 37e Amerikaanse president gaat in Oliver Stone's fascinerende koningsdrama ten onder aan zijn eigen karakterzwaktes. En
aan machinaties van schimmige figuren op de achtergrond, machtige conservatieve
zakenlieden die Nixon eerder in het zadel hadden helpen brengen. Onder meer
door zijn democratische rivaal John F. Kennedy en diens broer Robert uit
de weg te ruimen, stelt Oliver Stone impliciet.
'Het beest', wordt die bundeling van duivelse krachten genoemd. Voor Stone's
vele critici weer een prima aanleiding om zijn nieuwe politieke en sociale
beschouwing van die roerige en ingrijpende periode uit de Amerikaanse historie
als geschiedvervalsing van een koortsige, paranoïde complot-theoriticus
af te doen. Daarmee wordt gemakzuchtig afstand genomen van een film, die
zowel in psychologisch als in sociaal-historisch opzicht imponeert.
Razend knap smeedt Stone momenten aaneen, die illustratief zijn voor de
ontwikkeling van Nixon en van het land dat zo'n persoonlijkheid tot president
kon kiezen. Tricky Dicky was een produkt van zijn opvoeding en van zijn
tijd, toont Stone in een kenmerkend bombardement van beelden.
Visies
Afwisseling van kleur, zwart wit, film- en videobeelden onderstreept niet
alleen de vaak abrupt wisselende stemmingen van de beurtelings gevoelige
en tomeloos agressieve politicus, maar ook verschillende visies op de gebeurtenissen.
De historie is niet eenduidig, maar een combinatie van persoonlijk getinte
afwegingen.
Stone laat belangrijke momenten zien uit Nixon's jeugd, waarin een sappelende
vader, een godvruchtige moeder en de dood van zijn beide broers een onuitwisbare
indruk maakte en stand korter of langer stil bij gebeurtenissen die zijn
carrière en zijn opvattingen kleurden.
Nixon zag zich als iemand met een missie in het leven, maar raakte zijn
idealen, in zijn tomeloze ambitie om ze te verwezenlijken, uit het oog.
De middelen werden belangrijker dan het doel. De advocaat van eenvoudige
komaf liet zijn oren te veel hangen naar mensen die hem verder konden helpen.
Dat versterkte tegelijkertijd zijn achterdocht en zijn gevoelens van inferioriteit.
John F. Kennedy, de man die 'm in 1960 van het presidentschap afhield, was
voor Nixon het symbool van het establishment. Iemand die geboren was met
een gouden lepel in de mond, met een vanzelfsprekende voorsprong op een
simpele harde werker als hij. Kennedy was geliefd bij het volk, op wier
hart Nixon vergeefs bleef jagen.
In de persoon van de eminente Anthony Hopkins (foto) groeit Nixon uit tot
een tragische held, een buitengewone figuur met alledaagse tekortkomingen.
Hopkins optreden geeft Stone's complexe historische portret een ontroerend
hart. Joan Allen, als die Nixon's liefhebbende, zichzelf wegcijferende en vaak eenzame echtgenote
ook een Oscarnominatie kreeg, geeft tezamen met een keur aan uitstekende
acteurs herkenbare menselijke gezichten aan de vele bekende namen in het
drama van de Amerikaanse president die gedwongen werd om af te treden. Nixon
had grootheid in zijn handen, maar miste de morele kracht en allure om die
vast te houden.
E.K.
Première 29 februari 1996 |