door Frank van Vliet TEL AVIV - Na een paasweekeinde met bloedige Palestijnse aanslagen en een schrikbewind van het Israëlische leger in de Palestijnse gebieden, heeft Israël zijn militaire offensief verder opgevoerd. Een strijdlustige premier Ariel Sjaron hield de Israëli's in een tv-toespraak voor 'dat we nu in oorlog zijn'. De Palestijnse leider Jasser Arafat noemde hij 'de vijand'. "Niet alleen van Israël, maar van de gehele vrije wereld."
Naast het al eerder ingenomen Ramallah zijn nu ook de steden Tulkarem en Kalkilja door Israël bezet. Gelet op de troepenbewegingen met tientallen tanks is het een kwestie van tijd of ook Bethlehem is volledig in handen van Israël. Het aanpalende Beit Jala is al voor een groot deel onder controle van de Israëli's.

|
Palestijnen in Ramallah geven zich over aan het Israëlische leger. In totaal zijn vrijdag in Ramallah 700 mensen opgepakt. (Foto: AP)
|
In de Israëlische pers wordt gesuggereerd dat premier Ariel Sjaron voor enige dagen de vrije hand heeft gekregen van Washington om de Palestijnen een lesje te leren. De Amerikaanse president George Bush riep de Palestijnse leider Jasser Arafat op meer te doen om het terrorisme te bestrijden. Dat gebeurde op een moment dat Arafat is omsingeld door Israëlische troepen en volgens een zegsman van het leger 'aan Israël toestemming moet vragen als hij naar het toilet wil'.
Veel langer mag de Israëlische 'blitzkrieg' echter niet duren omdat de internationale kritiek op Israël groeit. Vandaar dat de intensiteit van de troepenbewegingen is opgevoerd.
De Israëli's zeggen het voorzien te hebben op een netwerk van terreur dat wordt geleid door Arafat.
De hoop dat 'Operatie Verdedigingsmuur' zou leiden tot een vermindering van de Palestijnse zelfmoordaanslagen werd ook gisteren weer de bodem ingeslagen. In het centrum van Jeruzalem ging een autobom af, waarbij drie mensen gewond raakten, van wie één zwaar. Het was de jongste in een rij van Palestijnse aanslagen.
Zondag werden nog veertien Israëli's gedood toen een zelfmoordenaar zichzelf opblies in een restaurant in Haifa. Bij een andere zelfmoordactie in de nederzetting Efrat raakten zeven mensen gewond. In de afgelopen maand werden 122 Israëli's in het geweld gedood, het hoogste aantal in één maand.
Dat zal echter weinig indruk maken op de Palestijnse bevolking die zichzelf als slachtoffer ziet van een keiharde actie van één van 's werelds beste legers tegen een armlastige bevolking.
Palestijnse mensenrechtenorganisaties zeggen dat Israël een humanitaire ramp veroorzaakt door onder meer watertanks te vernietigen, de elektriciteit en de telefoons af te sluiten en het zelfs voor ambulancepersoneel onmogelijk te maken hun werk te doen. De Palestijnse ziekenhuizen raken door hun voorraden heen en het voedsel voor de bevolking wordt schaars. De Palestijnse lijkenhuizen zouden uitpuilen. Ook zou het Israëlische leger standrechtelijke executies uitvoeren. Daarnaast worden bewust de symbolen van de Palestijnse onafhankelijkheidsdroom vernietigd, zoals de Kamer van Koophandel en het gemeentehuis in Ramallah.
Het zijn berichten die steeds moeilijker te controleren zijn, omdat Israël de internationale pers de toegang tot het bezette gebied ontzegt. Naar verluidt is Sjaron woedend uitgevallen naar zijn legerleiding toen een groepje internationale vredesactivisten het omsingelde en regelmatig bestookte hoofdkwartier van Arafat wist te bereiken en door de Palestijnse leider met zoenen werd ontvangen.
Van de ontstane chaos maken gemaskerde Palestijnen gebruik om af te rekenen met van samenwerking met Israël verdachte personen. Dit weekeinde werden in diverse steden al elf van dergelijke 'collaborateurs' omgebracht. Acht van die liquidaties vonden plaats in Tulkarem.