De Telegraaf-iDe KrantNieuwsLinkSportLinkDFT.nlDigiNieuwsCrazyLife
za 27 oktober 2001  
---
Nieuwsportaal
---
Uit de krant 
Voorpagina Telegraaf 
Binnenland 
Buitenland 
Telesport 
Financiële Telegraaf 
Archief 
ABONNEER MIJ 
---
En verder 
Begroting 2002 
De prins en Maxima 
Over Geld 
Fiscus 2001 
Scorebord 
Auto op vrijdag 
Filmpagina 
Woonpagina 
Reispagina 
Jaaroverzicht 
---
Ga naar 
AutoTelegraaf 
Reiskrant 
Woonkrant 
VacatureTelegraaf 
DFT 
CrazyLife 
Weerkamer 
Al onze specials 
Headlines 
VS onder vuur
---
Kopen 
 Speurders 
Veilinghal 
ElCheapo 
Siteshopper 
---
Met Elkaar 
Chatweb 
Vertel 
Cybercard 
Netmail 
Nice2Meet 
---
Mijn leven 
Vrouw & Relatie 
AstroLink 
De Psycholoog 
---
Contact 
Abonneeservice 
Adverteren 
Mail ons 
Over deze site 
Bij ons werken 
[terug]
 D E   T E L E G R A A F   T E L E S P O R T 
 
  Na twintig jaar loopt dikke dertiger Jan Heintze (38) als vanouds voorop bij PSV
TAAI ALS
EEN HAAI

   
 

Klik op de foto voor een afbeelding op volle grootte (426x284, 10kb)
Jan Heintze.
Pas toen Heintze zes jaar geleden bij Bayer Leverkusen ging spelen, kreeg hij wat meer last van zijn enkels. De fysiotherapeut ter plaatse - "zo'n man die alles uitprobeert" - Hij is als de mode van dit moment. Hoe ouder, hoe beter. Zijn geheim? "Alles met mate." En een glas water met gemalen haaienbotten. Hij volgt dat ritueel nu al zes jaar, elke dag. Teamgenoot Ernest Faber drinkt het levenselixer inmiddels ook en staat, toeval of niet, eindelijk weer eens recht op zijn benen. "Het is net visvoer", lacht Heintze de verwondering weg. "Ik zie het als smeerolie voor mijn lichaam. Goed voor alle gewrichten, botten en spieren. Niet echt lekker, maar ik heb er baat bij."

Hij heeft altijd goed voor zijn lichaam gezorgd. "Ik kan eten wat ik wil. Maar ik train ook veel en verbrand dus veel. Lichamelijk ben ik al die jaren niet erg veranderd en blessures zijn me bespaard gebleven. Nee, mijn fitheid verbaast me niet."

maakte hem attent op de haaienpulp. Vrij van dopingdreiging, puur natuur. Het was even slikken, dat wel. "Maar langzaam kreeg ik het gevoel dat de pijn minder werd. Je moet erin willen geloven. Bij PSV staat het klaar voor iedereen die het wil gebruiken." Sindsdien voelt hij zich een jonge god, zoals dat zo mooi heet. Klinkt ietwat pathetisch, want Heintze loopt nooit te koop met zijn fysieke kracht. Hij stamt nog uit de tijd dat voetballers aardse stervelingen waren. "Jan is een fantastische doorzetter die het mentaal nog steeds kan opbrengen om elke dag hetzelfde te doen", zegt Frank Arnesen, land- en voormalig teamgenoot. "Hij heeft een goed figuur. Kleine, pezige voetballers blijven meestal lang fit. Bij voetballers die steviger gebouwd zijn, slaat als gevolg van kleine blessures sneller de slijtage toe."

Heintze wordt op een natuurlijke wijze gerespecteerd, hoeft zijn stem niet te verheffen. "Jan is geen opschepper, praat niet veel, maar heeft wel een sterke wil. Dat zie je ook terug in zijn zakelijke leven. Sinds zijn 21ste is hij een succesvol ondernemer", aldus Arnesen. Heintze bestiert vier groeiende bedrijven en verbond zich uit hoofde van die functie eveneens aan PSV. "Het is een goede combinatie, maar ik neem eventuele zakelijke problemen nooit mee naar het voetbal. Ik kan die dingen heel goed scheiden."

Zeven jaar geleden speelde Arnesen nog een bepalende rol in het vertrek van Heintze na twaalf jaar trouwe dienst. Slachtoffer van de sanering. "De rek was uit de spelersgroep van toen en ook Jan was niet blij meer bij PSV. Dan zie je de goede dingen niet meer."

De linksback ging. Met lichte verbittering. Soms lachen ze er nu om; Heintze is geen haatdragend mens. Arnesen, destijds beginnend manager en thans technisch adviseur: "Ik zeg wel eens gekscherend dat hij me juist dankbaar moet zijn. Door hem weg te gooien heb ik Jan wat nieuws gegeven. Hij fleurde in Duitsland helemaal op. Daarna werden de mensen pas nieuwsgierig. Vroegen zich eerst af wat Jan Heintze in de Bundesliga te zoeken had, om een paar jaar later tot de conclusie te komen dat hij toch wel veel in zijn mars heeft als je ook daar slaagt."

Heintze: "Ik was, na twee goede jaren in Uerdingen, topfit toen ik naar Leverkusen ging. Een superclub. Ze wilden graag dat ik bleef, maar PSV is toch mijn club. Ik was heel jong toen ik naar Eindhoven kwam, heb er twaalf jaar gespeeld. Dan bouw je een speciale band op en dat gevoel is nooit verdwenen. Ik zag het als een uitdaging om te bewijzen dat ik op mijn 36e nog steeds mee kon komen. Kwam bij dat ik elke dag samen met Erik Meijer op en neer naar Duitsland reed. Na dat seizoen ging hij naar Liverpool; ik had er geen trek in om alleen in die auto te moeten stappen."

Probleem van het ouder worden en doorgaan terwijl generatiegenoten al zijn gestopt, is soms het verschil in benadering. In de Deense nationale ploeg vormen Morten Olsen (bondscoach) en Michael Laudrup (assistent) de technische staf. Bij PSV dient Heintze het duo Erik Gerets/Erwin Koeman. "Ik heb daar nooit moeite mee gehad, ook niet met het feit dat ik nu tussen spelers sta die een stuk jonger zijn. Voor mij is iedereen in principe gelijk. Zo probeer ik ook met mensen om te gaan", meent Heintze.

Arnesen: "In de kleedkamer is het 'trainer', daarbuiten 'Erik'. Jan weet precies welke toon hij moet kiezen."

Gerets: "Natuurlijk was het een vreemde situatie voor Jan toen hij terugkeerde bij PSV en ik voor de groep stond. Maar onze relatie kenmerkt zich door wederzijds respect. Dat is eigenlijk niet in woorden uit te drukken. Vaak zegt één blik al genoeg."

Dat Heintze hem momenteel van een defensief probleem heeft verlost, is iets van nu. Bedrijfspolitiek. Vraag Gerets naar zijn spontane eerste herinnering aan Heintze en hij begint meteen over de raakvlakken die ze hadden op het veld. "We hebben samen de zeven vette jaren van PSV meegemaakt, die gedachte overheerst bij mij. Jantje en ik waren allebei offensieve vleugelbacks, kwamen regelmatig in de gevarenzone, maar hebben nochtans weinig goals gemaakt. Dat mondde op een gegeven moment uit in een ludieke onderlinge competitie. Daar hebben we elkaar flink mee gedold."

Toch heeft PSV ook even de aanvaller Jan Heintze gekend. In zijn eerste jaar, het lijkt een eeuwigheid geleden, debuteerde hij op die positie tegen Helmond Sport met een doelpunt. Jan Reker bracht, omdat het middenveld bezet werd door Michel Valke, de ommezwaai voor het eerst ter sprake en Heintze won de concurrentiestrijd van linksback Piet Wildschut.

Met Reker - eerst assistent, daarna hoofdtrainer - is tevens de man genoemd die Heintze in huis nam. De tiener uit Tornby werd liefdevol opgevangen. "Ik zocht best het avontuur, maar was ook vrij verlegen. Ik was een kind toen ik bij de familie Reker kwam; daar ben ik volwassen geworden."

Heintze leerde de taal snel, mede omdat hij de kinderen van Reker 's avonds voorlas. Het gastgezin was een welkome aanvulling op zijn privé-leven. In Denemarken woonde hij aanvankelijk samen met zijn moeder en oudere zus. Zijn ouders waren gescheiden. Twintig jaar later is de familie een stuk groter en bijna geheel verplaatst naar Nederland, door Heintze "mijn tweede vaderland" genoemd. Hij heeft een Nederlandse vrouw en kinderen (3) en bleef gedurende vijf Duitse seizoenen (twee jaar Bayer Uerdingen, drie jaar Bayer Leverkusen) gewoon in Nuenen wonen.

Zijn zus heeft sinds twaalf jaar eveneens een stek (plus familie) in Nederland gevonden. "Ik heb hier een bestaan opgebouwd; we gaan nooit meer weg." Zijn oudste kind is twaalf, het jongste drie. "Dat is het grote voordeel van ouder worden. Je gaat steeds meer dingen in het leven waarderen. Je kijkt wat beter om je heen, naar je vrouw en kinderen, en beseft dat het goed is." En het nadeel? "Ik zou het echt niet weten."

Op zijn leeftijd zou hij eigenlijk moeten behoren tot de respectabele Club van Honderd, ware het niet dat een meningsverschil met ex-bondscoach Richard Möller-Nielsen hem vier jaar van zijn leven in de Deense ploeg kostte en hij nu 'pas' op tachtig interlands staat. "Het ging om een kwalificatiewedstrijd tegen Joegoslavië. We waren al uitgeschakeld voor het EK van 1992 en ik wilde op dat moment dan ook liever bij PSV blijven. De Deense bond verplichtte me te komen, dus ik ben gegaan. Bleek dat de bondscoach opeens iets anders wilde proberen. Vond ik op zich prima, maar dan wilde ik graag terug naar Eindhoven. Dat kon allemaal niet. Toen ben ik vertrokken."

Hij werd een jaar geschorst en kwam er bij Möller-Nielsen niet meer in. Bo Johansson haalde hem in 1996 terug. Sindsdien speelde Heintze vijftig interlands op rij; het zal een record zijn. "Het is een mooie persoonlijke overwinning." En dat op zijn oude dag. Diep in zijn hart had hij zich al verzoend met een afbouwperiode. "Ik zou dit seizoen bij PSV de tweede man achter Wilfred Bouma zijn. Ik heb er lang over nagedacht en stond achter die beslissing. Om de drie, vier dagen een wedstrijd is ontzettend zwaar. Maar in het begin speelde ik wel erg weinig, bijna niet zelfs. Ik had alleen de Deense ploeg. Vond ik toch minder prettig. Van honderd naar nul is wel een hele grote sprong."

Dat is van nul naar honderd dus ook. Maar niemand ziet het aan hem. In de laatste drie duels blonk hij uit. Zelf heeft-ie niet het gevoel zoveel meer dan normaal te doen. Het zegt misschien ook wel iets over de jonge garde dat de veteraan voorop moest gaan in de strijd én dat het zo opvalt. "Ik speel mijn hele leven met de wil om te winnen. Dat moet vanzelf gaan, vind ik."

Zijn enige dilemma, voor zover je daarvan kunt spreken, wordt binnenkort het prikken van een datum voor zijn afscheid. Het WK, zijn vierde grote toernooi, is daarvoor het best denkbare podium. Nog een jaar PSV acht hij uitgesloten. De zelfbewuste Scandinaviër hoopt het antwoord te vinden door naar zijn lichaam te luisteren.

"Zolang ik fit ben en plezier heb, ga ik door. Dat is steeds mijn motto geweest. Maar in principe betekent het WK de afsluiting van mijn carrière. Ja, het zal best een moeilijk moment zijn. Omdat ik besef dat wat ik loslaat, daarna ook nooit meer terugkomt."




 

zoek naar gerelateerde artikelen


za 27 oktober 2001

[terug]
     
© 1996-2001 Dagblad De Telegraaf, Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.