'Mimic': Moordenaars in de ondergrondse
Soms is het middel erger dan de kwaal. In eerste instantie boekt epidemioloog
Mira Sorvino een opmerkelijk medisch succes in de strijd tegen een virus
dat jonge kinderen in New York na een lange lijdensweg doet sterven. Kakkerlakken
brengen de ziekte over en Sorvino kweekt via genetische manipulatie insecten
die binnen een paar maanden de ziekteverwekkers hebben uitgeroeid. Na die
periode sterven de roofinsecten zelf uit.

Althans, dat heeft Sorvino genetisch bepaald. Maar de natuur blijkt weer
eens vindingrijker dan de mens. Kleine, bloederige voorvallen wijzen op
vraatzuchtige wezens en natuurlijk blijken dat de creaties van Sorvino te
zijn. Niet alleen hebben ze zich tegen alle verwachting in weten voort te
planten, bovendien zijn ze aanmerkelijk gegroeid. Ze verschuilen zich in
oude metrogangen.
Een mooi decor voor de confrontatie tussen de vliegende monsters en hun
schepper, die wordt bijgestaan door haar verloofde (Jeremy Northam) en een
politieman. Regisseur Guillermo Del Toro roept aanvankelijk een intrigerend
sfeertje op, maar kan niet voorkomen dat het verhaal alle verrassing kwijtraakt
op het moment dat de happende creaturen in beeld komen.
Mira Sorvino en Jeremy Northam nemen het in 'Mimic' op tegen vliegende monsters.
E.K.
Première 4 september 1997
|