Actie-ster moordt stad uit in 'The last man standing'

Bruce Willis:
"Ooit leer ik nog wel eens acteren!"

door Eric Koch

"Ik mocht de stad niet uit voordat iedereen dood was", vat Bruce Willis lachend zijn opdracht samen in 'The last man standing'. Hij blijft letterlijk als laatste overeind in de nieuwe film van actie-specialist Walter Hill, die zich baseerde op de klassieke Japanse productie 'Yojimbo'. Belangrijk verschil, aldus Willis, met de nobele hoofdpersoon in Kurosawa's voorbeeld: "Ik ben net zo slecht als mijn tegenstanders."

"Toshiro Mifune staat boven de corruptie waar hij in terecht komt, en mijn personage, John Smith, is zelf een gangster. Iemand, die zo veel slechte dingen heeft gedaan dat hij bijna misselijk van zichzelf is. Dat maakte 'The last man standing' voor mij interessanter dan alleen maar een vertaling. De hoofdlijnen in het verhaal zijn hetzelfde, maar de sfeer is door en door Amerikaans.

Je zou Hills versie een western kunnen noemen, een gangsterverhaal, maar ook een film noir. Boeiend van dat genre is dat de zaken minder scherp omlijnd zijn dan in de actiefilms van tegenwoordig. Niemand is een held en wat er gebeurt laat de toeschouwers iets te raden over. 't Is allemaal wat grijzer, wat cynischer ook dan het simpele goed tegen slecht van het modernere bioscoopwerk."

Volgens oude Hollywoodwetten voltrekken zich ook de gebeurtenissen, waarbij Willis aan het begin van de jaren dertig het stadje Jericho binnen trekt. Twee bendes betwisten elkaar daar tijdens de drooglegging de controle over de lucratieve dranksmokkel vanuit Mexico. Willis begint iets met het liefje van de ene bendeleider en laat zich vervolgens door diens rivaal in dienst nemen. Maar al snel schiet hij net zo gemakkelijk gangsters van de ene als van de andere partij neer en om te overleven moet hij uiteindelijk de strijdende partijen tot de laatste man uitroeien.

"Smith kan nergens hulp vragen. Niemand is te vertrouwen. Wat er nog aan gezag is, is corrupt. Die eenzaamheid van de hoofdpersoon hebben we ook in de dialogen uitgedrukt. Smith zegt bijna niets. En elke dag probeerde ik nog een paar van zijn spaarzame zinnen weg te strepen."

Willis lacht: "Heel fideel van Walter Hill om me toe te staan dat ik zijn teksten het raam uitgooide. Terwijl Walter toch een van de beste verhalenvertellers van de Amerikaanse cinema is. Ik schrijf zelf zo nu en dan ook iets en dat scherpt wellicht mijn oordeel over het werk van anderen. Of 'The Last man standing' succesvol zal zijn, is vooraf moeilijk te beoordelen. Maar de kwaliteit van het verhaal is duidelijk. En daar kies ik voor. Heel zorgvuldig. Om die reden ben ik vaak betrokken bij films die buiten de grote studio's gemaakt worden. De een wordt beter ontvangen dan de ander, maar een film als 'The last man standing' is me even lief als een hit als 'Pulp fiction'. Of 'Die Hard'."

Als zijn hoofdpersoon in 'The last man standing' lijkt op John McClane uit de 'Die Hard'-cyclus, wijt Willis dat aan eigen onvermogen. "John McClane is veel heroïscher dan Smith. Die verricht voor het eerst in zijn leven een goede daad. Hoewel hij zich heel nobel tegenover vrouwen opstelt, schiet hij net zo gemakkelijk mensen in koelen bloede neer. Hij heeft een heel andere morele gedragslijn dan McClane."

Willis lacht zijn bekende scheve grijnsje. "Ik probeer mezelf niet te herhalen. Maar aan je eigen gezicht ontkom je nu eenmaal niet. En ooit leer ik nog wel eens ècht acteren."

Publicatie 7 november 1996