ROTTERDAM - Bergers van het Rotterdamse bedrijf Smit Tak gaan eind deze week het Japanse visserijopleidingsschip Ehime Maru van 600 meter diepte optakelen.
In totaal vonden eerder dit jaar negen Japanners de dood op de Ehime Maru, nadat de Amerikaanse onderzeeër USS Greenville plotseling vanuit het diepe water opdook en precies het opleidingsschip ramde.
Smit Tak stuurde een twaalf man sterke bergingsploeg en bergingsmateriaal naar de rampplek.
Omdat het schip op een enorme diepte ligt, was het niet mogelijk om met duikers te werken, maar moesten er onderwaterrobots aan te pas komen om de hijsstroppen aan het wrak te bevestigen. "De kabels worden momenteel vastgemaakt aan het hijsframe. Eind deze week, maar zeker begin volgende week kunnen we met het takelen beginnen", aldus Smit-directeur H. de Rooij.
De opdrachtgever voor de klus, de marinetop van de VS, wil dat de Nederlanders de Ehime Maru naar ondiep water slepen voor de kust van Honolulu. Daar zullen duikers aan boord gaan op zoek naar de negen omgekomen Japanse opvarenden.
Opmerkelijk is dat de Ehime Maru uiteindelijk niet boven water zal worden gehaald, aldus Van Rooij. "Als het wrak is doorzocht, dan moeten we het weer terugslepen naar diep water. Daar zullen we het schip laten afzinken, zodat het voor altijd op de zeebodem blijft liggen."