VOORBURG - De uitstoot van stikstof door boerenbedrijven is vorig jaar met 15% gedaald ten opzichte van 1997. Dat blijkt uit voorlopige cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) gisteren bekend heeft gemaakt. Het CBS spreekt van een 'structurele' afname van de hoeveelheid stikstof die via boerenbedrijven in het milieu wordt gebracht.
Nederland kent sinds 1984 een mestbeleid. Tot 1998 was dat vooral gericht op de vermindering van de hoeveelheid fosfaat uit dierlijke mest. De verwachting was dat stikstof zou 'meeliften' in deze afname, maar dat bleek niet het geval. Waar de hoeveelheid fosfaat met een kwart verminderde, gold dat niet voor stikstof.
Na de invoering van de minerale boekhouding (Minas) begin 1998 is de bemesting met stikstof echter wel flink gedaald. In 1999 is met dierlijke mest 11% minder stikstof op het land gebracht dan in 1997. Ook voor 1998 gold dat, maar dat kwam voor een deel door de extreem natte zomer. Die zorgde ervoor dat koeien minder de wei in konden. Vorig jaar was de afname zelfs 15% ten opzichte van 1997. Volgens het CBS worden er, vooral door de varkenspest, minder dieren gehouden en is de hoeveelheid stikstof in veevoer gedaald.
De uitscheiding door de Nederlandse veestapel aan stikstof bedroeg vorig jaar 541 miljoen kilogram. In 1984 was dat nog 622 miljoen kilo. De fosfaatuitstoot kwam vorig jaar uit op 185 miljoen kilogram, tegen 254 miljoen kilo in 1984.
Ondanks de verminderde stikstofuitstoot is de kwaliteit van het sloot- of grondwater niet veel verbeterd. In 1999 kwam nog in bijna de helft van de Nederlandse gemeenten meer stikstof uit dierlijke mest op de grond terecht dan volgens de Europese normen vanaf 2003 is toegestaan.