De Telegraaf-iDe KrantNieuwsLinkSportLinkDFT.nlDigiNieuwsCrazyLife
do 5 juli 2001  
---
De krant 
Voorpagina Telegraaf 
Binnenland 
Buitenland 
Telesport 
Financiële Telegraaf 
Archief 
ABONNEER MIJ 
De prins en Maxima 
Over Geld 
Fiscus 2001 
Scorebord 
Auto op vrijdag 
Jaaroverzicht 
---
Telegraaf-i
---
Ga naar 
AutoTelegraaf 
Reiskrant 
Woonkrant 
VacatureTelegraaf 
DFT 
CrazyLife 
Weerkamer 
Al onze specials 
Headlines 
---
Kopen 
 Speurders 
Veilinghal 
ElCheapo 
Siteshopper 
---
Met Elkaar 
Chatweb 
Vertel 
Cybercard 
Netmail 
---
Mijn leven 
AstroLink 
De Psycholoog 
---
Contact 
Adverteren 
Mail ons 
Over deze site 
Bij ons werken 
[terug]
 D E   T E L E G R A A F   T E L E S P O R T 
 
  Boogerd heeft haat-
liefdeverhouding met Tour

door Raymond Kerckhoffs en Bert Schaap

   
 

DUINKERKEN - Op de golven van zijn temperament dansen de twijfel en de angst. Al jaren duelleert Michael Boogerd met zijn klasse en zijn ambitie. Een ongelijk gevecht, dat dagelijks nieuw leven krijgt ingeblazen. Met al zijn zekerheden en onzekerheden. Ook voor de komende Tour de France spreekt de kopman van de Rabobank over zijn haat-liefdeverhouding met 's werelds grootste wielerevenement. "Ik heb de komende drie weken een heleboel doelen. In vergelijking met voorgaande jaren zag mijn voorbereiding er totaal anders uit. Hoe gaat dit uitpakken? Als ik het niveau van het voorjaar haal, ben ik voor iedereen een kwaaie klant. Maar ik ben bang. Bang dat ik dat niet haal en opnieuw door het ijs zak."

Klik op de foto voor een afbeelding op volle grootte (426x284, 19kb)
Michael Boogerd
De vrees van een toprenner die nog altijd zoekende is naar de ideale voorbereiding. Inmiddels weet Boogerd dat hij met training alleen heel ver kan komen en wedstrijden kan winnen. De Ronde van Frankrijk is echter een geheel ander verhaal. In de onbevangenheid van zijn jonge ambities waren de eerste jaren een feest. In 1996 won hij de zesde etappe naar Aix-les-Bains door in de finale brutaal te demarreren. Destijds viel de regen met bakken uit de hemel en huilde hij tranen van geluk. Het jaar daarop was Boogerd net Nederlands kampioen geworden en voldeed hij aan de verwachtingen door als zestiende in het eindklassement te eindigen. De invallen tijdens de 'Tour de Farce' van '98 hadden geen invloed op zijn prestaties. De vijfde plaats in Parijs was veelbelovend en smaakte naar meer.

En toen? Toen begon de ellende. "In de voorbereiding op de Tour van '99 ging de discussie over het wel of niet meenemen van onze eigen ploegarts Geert Leinders. Ik had een super voorjaar achter de rug met overwinningen in Parijs-Nice en de Amstel Gold Race, maar wist dat de verzorging anders zou zijn dan in voorgaande jaren. Daar kwam de valpartij op de Passage du Gois nog eens overheen. Dat was typerend voor die Tour."

In de lente van 2000 won Boogerd de koninginnerit in de Tirreno-Adriatico en werd hij achter Erik Zabel tweede in de Amstel Gold Race. Een paar weken er vloog de blonde coureur in de Ronde van Zwitserland, maar was hij in Frankrijk over zijn top heen. "Op de eerste de beste Pyreneeën-col, naar Hautacam, ging op vijf kilometer van de meet het licht uit. Daarna zakte ik op de Mont Ventoux helemaal door het ijs. Uitgerekend in de laatste bergrit over de Joux-Plane kwam ik weer in het goede ritme. Op de laatste zaterdag viel ik echter en belandde ik in het ziekenhuis. Maandags kwam ik thuis. Wat een ellende. Dat is niet uit te leggen. Ik voelde mij opgejaagd, was misschien wel overspannen. Een slachtoffer. Waarom had IK altijd zoveel pech?"

"Na de Tour kreeg ik een nieuwe auto. Daar had ik een half jaar naar uitgekeken. Ik heb er precies twee uur van genoten. Daarna overheersten de negatieve gevoelens. Alleen praten helpt dan niet meer. Ik bleef te lang hangen en ging steeds de schuld bij anderen zoeken. Was ik overwerkt? Ik weet het niet. Het sloop erin en dat gaat sneller dan dat het weer weg is. Toen heb ik besloten om niet naar Sydney te gaan, hoewel dat misschien de laatste kans was om ooit op de Spelen te rijden. Het was geen gemakkelijke keuze, maar het moest. Ik besloot alles op het WK in Plouay te zetten. Daar wilde ik mij revancheren. Na de Ronde van Nederland kreeg ik in Italië weer last van dezelfde knieblessure als die van voor de Tour. Na de behandeling moest ik twee dagen rusten. Ik was eigenwijs en stapte na een dag alweer op de fiets om zeven uur volle bak te trainen. Wat denk je, val ik op een lullige manier op mijn andere knie. De volgende ochtend zat er zo'n bal op. Weer die stress, weer energie die je op een verkeerde manier kwijtraakt. Parijs-Brussel stond in het teken van alles of niets. Als ik de bevoorrading zou halen, mocht ik daar afstappen. Ik had geen last en reed de wedstrijd uit."

Op het wereldkampioenschap kon Boogerd geen hoofdrol spelen en eindigde hij als elfde. Een donkere winter stond voor de deur. Een periode van rust, waarin hij zelf op zoek ging naar antwoorden op de vele vragen die door zijn hoofd spookten. De knoop moest worden ontrafeld. "Ik heb jarenlang nogal sceptisch tegen mentale begeleiding aangekeken. Ted Troost was vroeger een hype. Hij begeleidde grote voetballers als Gullit en Van Basten. Ik heb het idee dat zij afhankelijk van hem waren. Na mijn eerste bezoek had ik het gevoel dat ik in het voorjaar drie klassiekers ging winnen. Ik leerde om met bepaalde gedachten naar de koers toe te gaan en vooral om van dag tot dag te leven. Daar heb ik baat bij gehad en sta nu veel meer open voor deze vorm van begeleiding. Van de week stootte ik mijn knie. De Tour is om zeep, zou vroeger mijn eerste reactie zijn geweest. Maar ik bleef rustig en heb nu nergens meer last van. Mentale begeleiding past niet in de wielercultuur. Wij zijn altijd onderweg, hebben er geen tijd voor. Ik ben al een paar maanden niet meer bij die sportpsycholoog geweest omdat ik het gevoel heb rustiger te zijn. Faalangst ken ik niet. Ik heb het idee dat ik nog nooit ben bezweken onder de druk. Op dit moment voel ik mij redelijk en denk dat ik de laatste weken vooruit ben gegaan."

Nadat hij had besloten om zich af te melden voor de Route du Sud en geen last meer had van zijn lichte achillespeesblessure, sloeg Boogerd met zijn vriendin een trainingskamp op in Münster. Drie dagen reed hij volle bak, op wedstrijdintensiteit, in het rood en kreeg hij een duidelijk beeld van de Tour-etappe door de Vogezen. "Die colletjes zijn steil, de weg is smal en ik vrees dat het volgende week nog warmer is dan toen ik er was."

Als hij terugblikt op het trainingskamp, klinkt er lichte opluchting in zijn stem. In de Vogezen had Boogerd geen last meer van zijn blessure en kon hij doen wat hij wilde. Op het NK kreeg hij opnieuw de bevestiging van zijn vorm. "Ik ben ook weleens als voorbereiding naar de Alpen geweest. Dat is onvergelijkbaar want dan moet je tussen de 15 en de 20 kilometer omhoog, zit je zes uur op je fiets en ben je in een uurtje weer beneden. Bovendien weet je in de Alpen nooit waar je aan toe bent. Op de top kan het zomaar sneeuwen of regenen of steenkoud zijn. Om mijzelf nog een keer te testen, had ik geen andere keus dan de Vogezen. Om hier op het vlakke in het rood te rijden is bijna onmogelijk. Dan praat je over zestig kilometer per uur."

Zelfkastijding als bewijs dat Boogerd nog altijd van zijn fiets houdt. "Ik rij met mijn hart, want anders stop ik. Ook daarom kan ik mij nog steeds vreselijk opwinden als ik allerlei onzin over doping lees. Vorige week riep Jurgen van den Goorbergh dat motorcoureurs veel minder pakken dan wielrenners. Daar kwam zijn verhaal op neer. Waar haalt hij die wijsheid vandaan? En wie is Jurgen van den Goorbergh? Of ik lees een column van Johan Derksen die nergens op slaat. Zij hebben er geen idee van wat de wielersport inhoudt en wat ervoor komt kijken om de top te halen. Misschien zou ik mij niet meer moeten ergeren aan alle flauwekul, maar zo zit ik nu eenmaal in elkaar."

Na de ergernis verschijnt de bekende glimlach op zijn olijke gelaat. "De afgelopen weken stond alles in het teken van de Tour. Ik heb keihard kunnen trainen en dat geeft een heerlijk gevoel. Als ik mijzelf weer eens een paar uur had afgebeuld en lekker onder de douche stond, voelde ik mij heerlijk en was ik best een beetje trots op mijzelf."




 

zoek naar gerelateerde artikelen


do 5 juli 2001

[terug]
     
© 1996-2001 Dagblad De Telegraaf, Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.