VOORBURG - Het aantal buitenechtelijke geboorten in ons land neemt in hoog tempo toe. Vooral in Amsterdam en Groningen is hun aandeel groot. Bijna de helft van de nieuw-geborenen komt terecht bij ouders die niet zijn getrouwd. Elders in het land gaat het om gemiddeld 26 procent van alle baby's. Bij eerste kinderen ligt dit percentage op 35.
Volgens beleidsmedewerker Jan Latten van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) kiezen vooral hoog opgeleide, economisch zelfstandige, vrouwen in de leeftijd van eind 30, begin 40 er steeds vaker voor 'alleen' een kind te krijgen. Ook een groeiende groep heel jonge moeders - van rond de 20 jaar - geeft daar de voorkeur aan.
"In de Surinaamse en Antilliaanse gemeenschap komen buitenechtelijke geboorten relatief vaak voor. Omdat deze bevolkingsgroepen zijn geconcentreerd in Amsterdam zijn de hoge percentages daar niet verwonderlijk", licht Latten toe. "In Groningen gaat het vooral om studenten die deze moderne leefvorm verkiezen".
Ook in Den Haag, Rotterdam en Utrecht komt het steeds vaker voor dat ongehuwden, al dan niet samenwonend, kiezen voor een kind.
Begin van de jaren '50 was het nog zeer ongebruikelijk dat een ouderpaar niet trouwde als er een kind op komst was; slechts 4 procent van de prille vaders en moeders was destijds niet in de echt verbonden. "Meestal ging het dan om jonge, alleenstaande vrouwen die ongewenst zwanger raakten", weet de heer Latten.
Tussen 1960 en 2000 steeg het aantal buitenechtelijk geboren kinderen van 3000 tot ruim 50.000. "Deze stijgende trend zet zich onverminderd voort", voorspelt het CBS.