KOPENHAGEN - Amerikaanse dolfijnen gaan eind april mee doen met een NAVO-oefening om 80.000 mijnen en andere gevaarlijke munitie uit de Tweede Wereldoorlog op te sporen voor de Noorse kust. Het gaat om vier dolfijnen die zijn getraind om met hun eigen, natuurlijke sonar, de mijnen op te sporen en er dan een boei aan vast te maken.
De dolfijnen hebben een training gekregen die lijkt op die van speurhonden. Zo gauw ze op een object stuiten, krijgt de dolfijnentrainer een seintje en worden er duikers naar beneden gestuurd om het gevonden voorwerp nader te onderzoeken.
De vier mijnenruimers zullen met een Hercules-vliegtuig uit Amerika worden overgevlogen naar de Noorse stad Kristiansand, die als basis zal worden gebruikt. Hier vandaan worden de dolfijnen naar zeegebieden gestuurd waarvan wordt aangenomen dat er mijnen uit de Tweede Wereldoorlog liggen.