De Telegraaf-iDe KrantNieuwsLinkSportLinkDFT.nlDigiNieuwsCrazyLife
za 8 december 2001  
---
Nieuwsportaal
---
Uit de krant 
Voorpagina Telegraaf 
Binnenland 
Buitenland 
Telesport 
Financiële Telegraaf 
Archief 
ABONNEER MIJ 
---
En verder 
PC Thuis 2001 
Begroting 2002 
De prins en Maxima 
Over Geld 
Fiscus 2001 
Scorebord 
Auto op vrijdag 
Filmpagina 
Woonpagina 
Reispagina 
Jaaroverzicht 2001 
---
Ga naar 
AutoTelegraaf 
Reiskrant 
Woonkrant 
VacatureTelegraaf 
DFT 
CrazyLife 
Weerkamer 
Al onze specials 
Headlines 
VS onder vuur
---
Kopen 
 Speurders 
ElCheapo 
Siteshopper 
---
Met Elkaar 
Chatweb 
Vertel 
Cybercard 
Netmail 
Nice2Meet 
---
Mijn leven 
Vrouw & Relatie 
AstroLink 
De Psycholoog 
---
Contact 
Abonneeservice 
Adverteren 
Mail ons 
Over deze site 
Bij ons werken 
[terug]
 D E   T E L E G R A A F   B U I T E N L A N D 
 
  Mysterie rond
'Ebola-kamer'

   
 

door Teije Brandsma NZARA - Nog nooit dook het ebolavirus tweemaal op dezelfde plaats op. Met één uitzondering. In Nzara in Soedan begon zowel in 1976 als in 1979 een uitbraak van de gevreesde 'groene apenziekte'. Beide keren bleken de allereerste patiënten te werken in een kamer in de inmiddels verlaten katoenfabriek.

Klik op de foto voor een afbeelding op volle grootte (284x426, 19kb)
Een gewapende bewaker van de verlaten katoenfabriek in Nzara opent de deur naar de laatste kamer, waar het ebolavirus zich zou bevinden dat in totaal 150 levens eiste.
Hoofdingenieur Arthur Mohamed Saïd begint sneller te praten als hij voor de deur staat van de kamer waar de geweven katoen in de Nzara Pionier Katoen Fabriek werd opgeslagen. De mensen die bij hem zijn worden zenuwachtig, want achter de grijze schuifdeur kan zich een virus bevinden dat menselijke organen in enkele dagen verandert in een bloederige massa.

Eind juni 1979 werkten achter deze deur 24 mannen, die ervoor zorgden dat de vervaardigde katoenen doeken werden gewogen, waarna ze de fabriek verlieten. Nzara, in het uiterste zuidwesten van Soedan, ligt op de grens met Congo en de Centraal Afrikaanse Republiek. Hier begint het uitgestrekte Centraal-Afrikaanse oerwoud, dat duizenden kilometers doorloopt naar het zuiden en westen.

De 24 mannen stonden aan het einde van de productielijn in de enorme fabriek.Op 27 juni 1976 werd een man ziek die werkte aan een tafel middenin deze kamer. Hij kreeg hoge koorts, begon uit al zijn lichaamsopeningen te bloeden en stierf negen dagen later. Op 14 juli en op 27 juli overleden twee van zijn naaste collega's.

Allen stierven aan het toen nog maar net bekende ebolavirus, een van de virussen die hevige bloedingen veroorzaken. De ziekte geldt als een van de meest besmettelijke ter wereld. Er is geen medicijn. De drie 'index-patiënten' gaven het virus aan honderden mensen door. Honderdvijftig van hen stierven.

Op 2 augustus 1979 werd een 45-jarige man opgenomen in het ziekenhuis van Nzara. Hij leed aan ebola en stierf drie dagen later. Hij werkte in dezelfde ruimte. Enkele anderen uit de fabriek, ditmaal uit de ernaast gelegen weefafdeling, werden ook ziek en bezweken. Ditmaal overleden in totaal 22 mensen.

Virus

Dat de fabriek er iets mee te maken had, was duidelijk. Maar welke organisme in de fabriek was 'gastheer' voor het virus? Regelmatig wordt ebola door virologen in verband gebracht met vleermuizen, ratten of apen.

Onderzoekers ontdekten boven het plafond van de laatste kamer een enorme vleermuizenkolonie. Duizenden vleermuizen van de soort Tadarida Nanula, een dier dat leeft van vruchten en insecten, bleken zich er te hebben genesteld. 's Avonds vlogen ze naar buiten, via gaten in het plafond, door kapotte ramen en langs de propellers van een grote ventilator in de muur. Honderdveertig dieren werden gevangen en naar het Brits Museum voor Natuurlijke Historie in Londen gestuurd voor analyse. Er werd niets gevonden.

Dat was niet het einde van het verhaal. Tests in een laboratorium in Zuid-Afrika hadden eerder uitgewezen dat het virus kan overleven in vleermuizen van deze Tadarida-groep. De dieren zijn slechts 'gastheer'. Bovendien bleek het virus soms te zitten in de uitwerpselen van de dieren. Hoe krijgen vleermuizen het ebolavirus? Vangen ze een bepaald soort insecten, die het op hun beurt weer krijgen van sommige planten tijdens bepaalde maanden van het jaar? Niemand weet het, het is voor virologen de meest fascinerende vraag van de afgelopen twee decennia.

Saïd opent de deur van de laatste, mysterieuze kamer. Zijn bezoekers volgen hem zó behoedzaam in het ebolavertrek alsof ze verwachten ieder moment te kunnen worden beschoten. Daar in de muur is de ventilator die de vleermuizen gebruiken om buiten te komen. Middenin de ruimte staan de tafel en de stoel van de allereerste man die stierf. Saïd: "Het staat er nog net zo bij als in 1979." Het ontging ook de onderzoekers in de jaren zeventig niet dat de eerste patiënt een werkplek had op een meter afstand van een hoop platgetrapte uitwerpselen. Hij zat recht onder de kolonie vleermuizen.




 

zoek naar gerelateerde artikelen


za 8 december 2001

[terug]
     
© 1996-2001 Dagblad De Telegraaf, Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.