Arnold Schwarzenegger een turbo-kerstman

In de gezinskomedie 'Jingle all the way'

Zo tussen een paar harde actie-films door ontspant Arnold Schwarzenegger zich wel eens met een lichtvoetige komedie. Hij is niet het type van de sprankelende spring-in't-veld die een blijspel draagt, maar kiest wel zorgvuldig met de nodige zelfkennis voor een verhaal waarin zijn uitgesproken kwaliteiten tot hun recht komen. Dat leidde al eens tot uurtjes met aardig amusement zoals 'Junior' en 'Twins' naast Danny de Vito.

Met de kersttitel 'Jingle all the way' nadert hij die sfeer als een vader die het te druk heeft met werken en rijk worden en zijn zoontje verwaarloost. Ideale knoeipot natuurlijk voor een verhaal in kerstsfeer, want dan moet daddy toch eigenlijk wel eens een uurtje thuis zijn, al was het maar om een jaartje goed te maken. Vader Arnie heeft zich dat voorgenomen, maar het zal u niet verbazen dat daar niks van terecht komt en alle goede voornemens achter elkaar de mist in gaan. Ondertussen mompelt-ie heel wat schuldbekentenissen. Dat hoort zo in een Hollywoodse kerstfilm waar de moralistische leuze 'Gezond gezin, gezond volk' mede de toon moet bepalen.

Het grootste deel van het verhaal bestaat uit een kluchtige slapstick-race om het uitverkochte grote kerst-cadeau, een populaire turbo-man in pop-formaat, in handen te krijgen. En uiteindelijk heeft Arnie de mazzel van de eeuw waardoor hij zelf dat geschenk wordt en dus nog even stevig kan uitpakken als de beruchte krachtpatser. 'Jingle all the way' komt op voor het ideale gezinsleven en die doelgroep, vaders, moeders en kinderen zullen er zeker een aardige uitje aan beleven.

HENK TEN BERGE.

Première 12 december 1996