'Cold comfort farm' heerlijk Brits
Honderd pond per jaar levert nauwelijks droog brood op en daarom besluit
Flora Poste na de dood van haar ouders om bij familieleden te gaan logeren.
Tante Margareth? Te deftig. Oom Rufus? Te gierig. De keuze valt op de familie
Starkadder. Hun smoezelige boerderij is bepaald geen vakantie-oord, maar
Flora wil schrijfster worden en eigenaardige mensen zorgen vast voor mooie
verhalen.

Flora (Kate Beckinsale) wordt op haar wenken bediend. Tante Judith (Eilein
Atkins) legt de hele dag somber haar Tarotkaarten, oom Amos (Ian McKellen)
preekt hel en verdoemenis, haar beide neven willen niet deugen en oma verbergt
zich al twintig jaar op zolder, nadat ze in het bos 'iets engs' heeft gezien.
Er hangt een vloek over Cold Comfort Farm.
Als exponent van de verlichte jaren twintig trekt de eigengereide Flora
zich van de bedompte opvattingen van haar nieuwe huisgenoten niets aan.
Met haar nuffige neusje in de wind zet ze de zaken op de boerderij slim
naar haar hand. Dat leidt in het wat uitgerekte tweede part van 'Cold Comfort
Farm' tot een al te sprookjesachtig 'eind goed, al goed', maar regisseur
John Schlesinger houdt ons lange tijd uiterst plezierig bezig.
De Anglofielen onder ons kunnen hun hart ophalen aan het inspirerende, typisch
Britse sfeertje van klassenverschillen tussen bekakte vertegenwoordigers
van de hogere standen en achterlijke dorpelingen. Mooie fotografie en grappige
rollen dragen bij tot de amusante ontwikkelingen, waarin het optrekken van
een wenkbrouw al voldoende is voor hilariteit. 'Cold Comfort Farm' duurt
uiteindelijk wat te lang, maar biedt kostelijke momenten.
E.K.
Première 10 juli 1997
|