Franse filmdis vol smaakstoffen

Hippolyte heeft kanker in zijn neus. Bestraling zal zijn reukvermogen aantasten. Zijn ziekte zal hij waarschijnlijk wel overleven, maar zonder reuk is zijn doodvonnis als kok getekend. Na drie decennia zal hij zijn restaurant moeten sluiten. Een laatste avond rest er nog, waarin Hippolyte (Michel Aumont) en zijn vrouw Josephine (Stephane Audran) hun zoon en diens vriendenkring nog een keer hoogtepunten van hun spijskaart zullen voorzetten.

Dat afscheidsfeest heeft de jonge regisseur Laurent Benegui in 'Au Petit Marguery' aangegrepen voor een hommage aan een typisch Frans filmverschijnsel: babbelende mensen rond de dis. Zijn camera dwaalt rond tussen de dinergasten en brengt hun geschiedenis, hun relaties, verlangens en frustraties in beeld.

Om 't vooral maar afwisselend te houden heeft Benegui gasten uitgenodigd, die de nodige complicaties als servet naast hun bord kunnen leggen. Zo ontdekt een vrouw dat haar partner een slippertje heeft gemaakt met een disgenoot en probeert een man zijn voormalige homofiele partner te bewijzen dat hij heel gelukkig is met zijn kersverse echtgenote. Ook de anderen hebben in de afgelopen jaren flink wat lief en leed verwerkt, blijkt ook uit terugblikjes naar het verleden.

Keurig gemengd, al die ingrediënten. Naar beproefd recept. Maar voor een echt smakelijke filmmaaltijd is meer nodig dan alleen een kookboek. Ervaring bijvoorbeeld. En die bezit Benegui niet. Hij heeft zijn voorbeelden goed bestudeerd en zorgt voor een enkel geslaagd hapje, maar de nasmaak is die van een stamppot vol kunstmatige kleur-, geur- en smaakstoffen.

E.K.

Première 4 april 1996