Slagveldenroute in het Zuid-Afrikaanse Natal
door SIBOLT VAN KETEL
KAAPSTAD - Wandelend door een willekeurige Transvaalbuurt in een Nederlandse
stad kom je straatnamen tegen waarvan je denkt: waar hálen ze het
vandaan. Colensostraat, Tugelaweg, Pretoriusplein, Spionkopstraat, was
dat niet de Boerenoorlog? Maar Laings Nekstraat? En Majubaplein? Ingogo-
en Schalk Burgerstraat? Weinig mensen, zelfs die er wonen, zullen weten
waarom ze zo heten.
De Nederlandse tour-operator Michiel Schreiner kent
Zuid-Afrika op z'n duimpje en kreeg op een wandeling langs de
Transvaalkade in Amsterdam een idee. Waarom geen rondgang langs al die
plaatsen die in de Transvaalbuurt als straatnamen dienen? Dat
plan rijpte bij Schreiner toen Zuid-Afrika zich opmaakte voor de
grootste herdenking van een van de meeste traumatische gebeurtenissen
in zijn geschiedenis: de Boerenoorlog (1899-1902). Dit jaar is het dus
precies een eeuw geleden dat de twee Boerenrepublieken, Transvaal en
Oranje-Vrijstaat, in conflict raakten met Groot-Brittannië, dat
het onder andere had voorzien op de zojuist ontdekte goudmijnen in
Transvaal. In oktober 1899 raakten Boer en Brit slaags. Dat was
trouwens niet de eerste keer. Ruim 20 jaar daarvoor hadden de Engelsen
al eens Transvaal in naam geannexeerd. In 1881 vochten de Boeren zich
vrij door de Engelsen bij Majuba en Laings Nek (daar heb je ze!) een
geduchte militaire nederlaag te bezorgen. Drie weken daarvoor hadden de
Engelsen al kunnen constateren dat er met de Boeren niet te spotten
viel. Bij Ingogo (weer zo'n naam) moesten zij afdruipen voor een
Boeren-overmacht.
De Boeren sloten Winston Churchill op in Pretoria. Hij wist echter te
ontsnappen en werd als een held ontvangen in Durban. In Nederland leidde het moedige
optreden van de verre afstammelingen in het zuiden van Afrika tot een
enorme sympathie voor de Boeren. Sommige historici beweren zelfs dat
koningin Wilhelmina, die grote bewondering voor de Boeren koesterde, om
die reden geen huwelijkskandidaten bij de Britse adel zocht, maar bij
de Duitse, resulterend in haar huwelijk met prins Hendrik.
Slagvelden
Natal, in de vorige eeuw een Britse kolonie, heeft een
ronduit bloedige geschiedenis. Eerst waren het de Voortrekkers, die
rond 1840 op hun trektocht door Natal herhaaldelijk slaags raakten met
de Zoeloes. De Slag bij Bloedrivier (1838), waar 500 Boeren 12.000
Zoeloekrijgers versloegen, betekende het (tijdelijke) einde van het
grote Zoeloerijk. Veertig jaar later, toen de Zoeloes zich danig
hadden hersteld, probeerden ook de Engelsen het Zoeloe-koninkrijk in te
palmen, met bloedige gevolgen voor beide partijen. Toen was er de
Eerste Boerenoorlog, zoals de Afrikaners "hun" slag bij Majuba noemen,
en twintig jaar later de Tweede Vrijheidsoorlog of Zuid-Afrikaanse
oorlog, zoals de Boerenoorlog wordt genoemd, afhangende van de taal die
men praat. Afrikaans of Engels. Schreiner neemt op zijn
'Slagveldenroute' zijn gasten mee naar talloze Natalse streken en
plaatsen die een rol hebben gespeeld in al die conflicten. Onderweg
geniet je van de schitterende omgeving, de nog steeds ongerepte natuur,
vergezichten over heuvels en hoge bergmassieven. Een uiterst deskundige
en enthousiaste gids maakt duidelijk waarom namen als Spionkop, Rorke's
Drift, Bloedrivier en Ladysmith zo bekend zijn geworden. Neem
Ladysmith. Een ietwat onooglijk stadje, dat in november 1899 met
succes, 118 dagen lang, door de Boeren werd belegerd. Je overnacht in
het Royal Hotel (in Natal heeft elke zichzelf respecterende plaats wel
een Royal Hotel, geheel overeenkomstig de Britse koloniale opvattingen
uit de vorige eeuw). Op het trottoir voor de ingang is een
koperen plaquette aangebracht, ter nagedachtenis aan het eerste
slachtoffer in de stad, een Britse arts die hier werd getroffen door
een Boerengranaat. Vijf minuten lopen van het hotel is er het
Belegmuseum, waar met veel kundigheid en zorg de hele Boerenoorlog met
foto's, diorama's, voorwerpen, wapens en zelfs oude filmpjes duidelijk
wordt gemaakt. Zonder enige partijdigheid, want die Boerenoorlog ligt
in Zuid-Afrika nog steeds gevoelig.
Nederlanders
Vlak bij
Ladysmith, op weg naar Dundee, word je geleid naar twee 'koppies'
(heuvels), op beide een monument, waar de eerste schoten uit de
Boerenoorlog vielen: Elandslaagte, voor de Nederlandse toerist van
bijzondere betekenis. Want bij het gevecht dat hier plaatsvond, op 21
oktober, dus tien dagen na de officiële oorlogsverklaring door
Transvaal aan Engeland, waren Nederlanders betrokken. Ongeveer
honderd leden van het inderhaast in Pretoria opgerichte
'Hollanderkorps' vochten aan de zijde van de Transvaalse Boeren onder
bevel van de in pandjesjas en hoge hoed geklede generaal Kock. Het
betekende tevens het nogal roemloze einde van het Hollanderkorps
én er was sprake van een "misverstand", waardoor tientallen
boeren, onder wie ook Nederlandse vrijwilligers, werden gewond of
gedood.
Vertrek van een Hollands-commando op 6 oktober
1899. (Collectie Sectie militaire geschiedenis in Den Haag.) Want de Engelsen, die vanuit Ladysmith aanvielen,
dachten op een gegeven moment dat de Hollanders met een witte vlag
zwaaiden. De boeren zeggen dat dit een Brits excuus was voor wat er
volgde. Toen het Hollanderkorps gewoon bleef doorschieten werden de
Engelsen kwaad, joegen de Boeren en de Hollanders op de vlucht en
stuurden lansiers te paard op hen af. Met gevelde lans werden zij op de
vlucht neergestoken. "Het was net een zwijnenjacht", ("pig sticking")
zei een Britse officier later in zijn memoires. Bij de slag om
Elandslaagte sneuvelden negen Nederlanders. Hun namen staan gebeiteld
in een van de twee monumenten. "Ter herinnering aan de op 21 october
1899 gevallen Nederlanders. Uw Strijdmakkers", staat er aan de andere
kant. Vierenvijftig leden van het Hollanderkorps werden als
krijgsgevangenen gedeporteerd naar Sint Helena en Ceylon (nu Sri
Lanka). Generaal Kock overleed aan zijn verwondingen. De vice-president
van Transvaal, Schalk Burger, wist te ontkomen. De broer van de
schilder Piet Mondriaan, Willem Frederik, raakte bij Elandslaagte
gewond en werd weggevoerd naar Sint Helena. In totaal sneuvelden 78
Nederlanders aan de Boerenkant van 1899 tot 1902. Onder hen Cornelis
van Gogh, de tweede broer van Vincent, hoewel Cornelis volgens sommige
lezingen net als zijn broer zelfmoord zou hebben gepleegd, toen hij
zijn verblijf in een Brits krijgsgevangenenkamp niet langer kon
verdragen.
Partijdig?
En dan blijkt opeens dat niet iedereen in
Zuid-Afrika zijn onpartijdigheid altijd kan hooghouden. In de (Engelse)
brochure over Elandslaagte wordt met geen woord gerept over het feit
dat er Hollanders bij de strijd waren betrokken. Sterker nog, er staat
letterlijk: "Als u het koppie van het Boerenmonument beklimt, hebt u
een prachtig uitzicht op het Britse monument op het andere koppie." Een
kleine smet op een anders voortreffelijk blazoen, want Engelsen weten
hoe ze hun monumenten moeten onderhouden en hun geschiedenis moeten
navertellen. Schreiner neemt de bezoeker ook mee naar een
plaats waar de Britten hun ergste nederlaag van alle koloniale oorlogen
leden. Niet ver van Rorke's Drift ligt Isandlwana, een naam die bij
bepaalde Britse regimenten nog altijd een lichte huivering veroorzaakt.
Daar werd in januari 1879 een garnizoen van rond de 1500 man Britse
troepen en zwarte Natalse vrijwilligers door 24.000 Zoeloes overvallen
en binnen luttele minuten nagenoeg uitgeroeid. Bijna 1300 militairen
werden gedood en de meesten liggen begraven waar zij vielen. Isandlwana
is een indrukwekkend, goed onderhouden en eigenlijk verschrikkelijk
triest monument.
Gandhi en Churchill
Zo ook Spionkop, of Spioenkop zoals het
nu heet, een heuvel nabij Ladysmith waar (en nu praten we weer over de
Boerenoorlog) begin 1900 340 Britse militairen in hun schamele
loopgraven werden gedood toen de Boeren een Engelse poging om Ladysmith
te ontzetten wisten af te slaan. De Britse soldaten bleken niet in
staat in de keiharde rotsachtige grond tijdig loopgraven uit te hakken,
waardoor zij voor de Boeren een makkelijk doelwit vormden. Het
slagveld bovenop Spionkop ziet er nog net zo uit als honderd jaar
geleden, sommige gesneuvelde militairen liggen er begraven waar zij
vielen. Bij een Indiase tempel in Ladysmith staat een standbeeld van
Mahatma Gandhi, de Indische vrijheidsstrijder en filosoof, die rond de
eeuwwisseling in Zuid-Afrika woonde. Net zoals vele honderden
andere Indiërs uit Natal sloot Gandhi zich in de Boerenoorlog als
ziekendrager vrijwillig bij de Britten aan. Zijn naam wordt door Britse
commandanten met ere genoemd in hun verslagen over de strijd bovenop
Spionkop, waar hij onder het vuur van de Boeren gewonden behandelde en
vervoerde. (In feite vormden de ervaringen die Gandhi in Natal en later
Transvaal opdeed, de aanleiding tot zijn latere "geweldloze verzet"
tegen koloniale overheersing.)
Het graf van een onbekende soldaat bij
Spionkop. De reis gaat verder naar
Colenso en Estcourt, plaatsen waar de Boeren in het begin van de oorlog
grote successen tegen de Engelsen boekten. Bij Colenso werd Winston
Churchill door de Boeren opgepakt. De gepantserde legertrein waarin hij
meereed omdat hij als krantencorrespondent de strijd rond Ladysmith
wilde meemaken, ontspoorde door toedoen van de Boeren en de inzittenden
werden gevangengenomen. De Boeren sloten Churchill op in de
Staatsmodelschool in Pretoria. Hij wist te ontsnappen en kwam na vele
moedige omzwervingen in Durban terecht, waar hij als held werd
ontvangen en op de trappen van het stadhuis een vurige toespraak hield,
zijn eerste openbare redevoering in zijn leven.
Verzoening
Vanaf de
Battlefield Lodge is het een half uurtje rijden naar het zoveelste
monument in dit van historie doordrenkte deel van Natal: Bloedrivier,
het toneel van een "klassieke" strijd tussen Voortrekkers en Zoeloes in
1839. Klassiek, vanwege de vorming van een "lager", de ossenwagens in
een kring, vanwaar de boeren hun geweren afschieten terwijl de vrouwen
binnen de kring de voorladers van kogels voorzien.
Bloedrivier (1839): een somber monument met 68 bronzen identieke
huifkarren. Hier knakten
de Boeren onder generaal Andries Pretorius de vechtlust van de Zoeloes
en wreekten zij de dood van Voortrekkerleider Piet Retief, die door
Zoeloehoofdman Dingaan werd vermoord. Passend in de vieringen en
herdenkingen dit jaar is de nieuwe aandacht, die Zuid-Afrikanen
besteden aan het zwarte aandeel in de strijd. Dat werd tot nu toe
totaal verwaarloosd. Men kreeg te horen dat in de Boerenoorlog, die
bijna drie jaar duurde, 22.000 Britse militairen en 7000 Boeren
sneuvelden en naar schatting 28.000 vrouwen en kinderen in Britse
concentratiekampen om het leven kwamen.
En dan werd er ook nog even bij genoemd, dat aan beide zijden 400.000
paarden en ezels in de strijd waren gebleven. Maar tot nu toe nam niemand,
geen Brit en geen Boer, werkelijk de moeite te wijzen op de zwarte slachtoffers
van de Boerenoorlog. Men schat hun aantal op 14.000 doden.
Bronnen o.a.:
'The Boer
War', door Thomas Pakenham. 'Nederlandse Vrijwilligers in de
Boerenoorlog', door P. Schulten, uit 'Armamentaria, Jaarboek
Legermuseum 1998'en 'South African Military Yearbook 1998'
REISWIJZER
De 'Slagveldroute' van Michiel Schreiner kan worden geboekt
bij: Reisburo van Gerwen, 5531 BR Bladel. Tel.: 0497-331433. Fax: 0497-331434.
Contactpersonen: Marcel Greefhorst en Marjan Beelen
Publicatiedatum = 25 september 1999

|