Publicatiedatum:
18-09-2000
De
commerciële hulpverlener
In
de jaren '70 was ik nog uniek: een hulpverlener die
als zelfstandig ondernemer zijn eigen patiënten
wierf en bediende. Tegenwoordig zijn privé-praktijken
schering en inslag. En dat is logisch, want financieel
is het veel aantrekkelijker. Hoe je begint? Gewoon;
zoek een gat in de markt onder het motto 'de één
zijn dood is de ander zijn brood', bedenk een beroepstitel
die door de wet niet beschermd is, spijker het bordje
'huppeldepup-deskundige' op de gevel en de media maken
gratis reclame voor je. Zo verging het mij toen ik destijds
als 'huispsycholoog' naar buiten trad en zo vergaat
het nu de 'overgangsconsulente' die met enige argwaan
en gegiechel in de commerciële kringen van dienstverleners
wordt begroet. Wat een 'overgangsconsulente' doet? Gewoon;
vrouwen in de overgang vertellen dat hun klachten van
opvliegers, depressieve stemmingen en gebrek aan libido
heel normaal zijn. Waarom je daar geld aan kan verdienen?
Gewoon; omdat huisartsen geen tijd hebben om patiënten
met onvermijdelijke levenspijn de aandacht te geven
die ze verdienen.
De
eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de commerciële
hulpverlener meer doet dan het geven van aandacht alléén.
Als hij zijn zaakjes goed voor elkaar heeft, dan kan
hij zich profileren met 'geen wachtlijsten', uitgebreide
medische en psychologische voorlichting en persoonlijke
adviezen. Als de hulpverleningsformule aanslaat? Dan
is het een kleine moeite om nieuwe vestigingen uit de
grond te stampen om zodoende de hele Nederlandse markt
te bestrijken. In feite is het marktconcept een imitatie
van wat de hamburgergigant McDonalds al jaren doet:
je zorgt voor goed product, snelle en vriendelijke bediening
en op alle locaties even herkenbaar. Een collega van
mij heeft zich met succes gestort op de groep 'arbeidsongeschikte
herintreders'. Onder de naam Reïntegratie Advies
Centrum (RAC) bieden hij en zijn collega's mensen, die
door langdurige ziekte, ontslag of reorganisatieperikelen
in de geestelijke lappenmand zitten, een verzorgd trainingsprogramma
aan om terug te keren in het arbeidsproces. Ziekenhuizen,
uitkeringsinstanties en keuringsartsen zijn maar wat
blij omdat patiënten met moeilijk te behandelen
kwalen zoals 'whiplash', 'chronisch vermoeidheidssyndroom',
of 'rugpijnen' door de commerciële jongens vaak
toch weer op de rails worden gezet.
Critici
beweren dat er producten op de markt worden gebracht
die mensen helemaal niet nodig hebben: het aanbod creëert
de vraag. Met andere woorden, niemand zou behoefte hebben
aan dubbeldrank, meergranenbrood of vitaminemelk als
niet één of andere geldbeluste geest het
publiek wijs maakt dat zij niet zonder kunnen. Maar
het is een feit dat de vrije markt er toe bijdraagt
dat mensen creatief worden. In de wereld van de hulpverlening
zijn in de komende decennia daarom nog een flink aantal
nieuwe beroepen te verwachten. Wie als verpleegkundige,
filosoof of dominee van een slecht betalende instelling
de overstap wil maken naar de commercie, kan zich wellicht
gaan vestigen als 'levensfasebegeleider', 'ouderdomsspecialist'
of 'liefdesverdrietdeskundige'. En wie twijfelt, wil
ik als 'overgangsconsulent' wel adviseren.

©
1996-2002 Dagblad De Telegraaf en Jeffrey Wijnberg
Alle rechten voorbehouden
|
|