Publicatiedatum:
07-02-2000
De
beste stuurlui
Om
niemand te kort te doen heeft onze minister-president
zijn spijtbetuiging aan de joodse gemeenschap met de
grootste omzichtigheid geformuleerd. Ik prijs hem om
zijn tact en wijsheid. Achteraf beweren hoe het beter
had gekund, is altijd gemakkelijk. Enerzijds geeft Wim
Kok toe dat de opvang van de oorlogsslachtoffers in
1945 kil en bureaucratisch is verlopen. Anderzijds benadrukt
hij terecht het feit dat veel Nederlanders wel wat beters
te doen hadden dan zich bekommeren om de materiële
en psychische schade van de joden: "...en vergeet ook
niet de homoseksuelen, zigeuners, de mensen in de Jappenkampen
en ieder ander die in Duitsland te werk is gesteld;
ik was zelf een jongetje van 7 jaar oud, maar ik weet
nog als de dag van gisteren hoe blij iedereen was om
gewoon weer aan het werk te gaan; mensen hadden genoeg
aan hun eigen ellende."
Mijn
vader heeft zijn hele familie verloren in de oorlog.
Mijn grootouders zijn verraden en opgepakt toen zij
met hun jongste kind Robbie naar Zwitserland probeerden
te vluchten. Dat geeft mij enig recht om kwaad te spreken
over iedereen die met de Duitsers samengezworen heeft.
Toch heb ik nooit begrepen waarom mijn grootouders van
moeders zijde (zij zijn wel op tijd naar Amerika uitgeweken)
hun huisvriend, de bekende illustrator Jo Spier, na
de oorlog met de nek hebben aangekeken. Hij had proganda-posters
voor de Duitsers getekend waarop de concentratiekampen,
zoals die in Theresienstadt, als vakantieparadijzen
waren afgebeeld. Ik had hetzelfde gedaan als ik wist
dat anders mijn vrouw en kinderen zouden worden vermoord.
Ik praat met mijn buurman Leo over onze gezamenlijke
kennissen Tim en Machteld die op het punt van scheiding
staan. Leo: "Ik snap die vrouw niet; Tim slooft zich
uit om een lekkere maaltijd op tafel te zetten en het
enige wat Machteld doet is aanmerkingen maken! Wat een
kreng is zij! Een betere man kan zij zich niet wensen."
Ik protesteer: "Als buitenstaander zie je eenvoudiger
wat er mis is in een relatie dan wanneer je er zelf
inzit."
Op
dit moment wordt de spits van FC Groningen, Tony Alberda,
door het publiek uitgefloten, omdat hij de laatste wedstrijden
veel kansen op een doelpunt heeft verprutst. De betweter
naast mij op de tribune roept: "Op dat niveau moet je
als professional gewoon scoren." Hoofdschuddend zeg
ik: "Probeer jij maar eens lekker in de wedstrijd te
komen als een half stadion je uitlacht." Tegen Tony
Alberda en alle andere mensen die worden verguisd, zeg
ik: De beste stuurlui staan aan wal of zoals de Franse
schrijver Destouches zegt: kritiek is gemakkelijk maar
de kunst moeilijk.

©
1996-2002 Dagblad De Telegraaf en Jeffrey Wijnberg
Alle rechten voorbehouden
|