door Paul Jansen KUTA - Drie bomaanslagen hebben het afgelopen weekeinde het Indonesische vakantieparadijs Bali veranderd in een horroreiland. In de badplaats Kuta vielen zeker 187 doden en ruim 300 gewonden toen een propvolle disco in deze toeristische trekpleister door twee zware explosies werd weggevaagd.

|
Reddingswerkers dragen op een brancard de dodelijke slachtoffers uit het puin. (Foto: REUTERS)
|
De meeste doden zijn Australiërs. Ook kwamen veel Britse, Duitse, Franse en Zweedse toeristen om. Onder de slachtoffers bevindt zich vermoedelijk ook een 23-jarige Nederlander uit Leiden, terwijl een tweede, 34-jarige man gisteren eveneens als vermist werd opgegeven. Drie landgenoten raakten gewond, van wie twee licht. Ziekenhuizen op Bali werden in de uren na de aanslag overspoeld met slachtoffers van het bloedbad. De meesten hadden ernstige brandwonden en botbreuken. Het identificeren van de doden verloopt moeizaam doordat veel lijken verkoold zijn.
Gelijktijdig met de bommen in Kuta ontplofte een derde projectiel in Denpasar, vlakbij het Amerikaanse consulaat. Enkele uren eerder was een bom ontploft bij het Filippijnse consulaat in Manado op Sulawesi.
Bij deze twee explosies vielen geen gewonden. De terreuraanslagen zijn door niemand opgeëist.
De dubbele aanslag in Kuta vond zaterdagavond laat plaats in de populaire Sari Club, midden in het uitgaansgebied van de badplaats. Ooggetuigen meldden dat de nachtclub en aanpalende bar afgeladen waren toen er voor de deur een met explosieven volgeladen auto ontplofte, gevolgd door een tweede explosie. Naar schatting bevonden zich op dat moment circa 500 mensen binnen.
Door de ontploffingen, die gepaard gingen met een enorme steekvlam, stortte het dak van de disco in, waardoor veel feestgangers bedolven werden onder stalen balken en brandend riet. "Ik werd door de knal op de grond gesmeten en zag het dak brandend op me afkomen", vertelt de 28-jarige James Woodley Als door een wonder wist de Brit zich via een gat in een muur in veiligheid te brengen. "Maar veel anderen hadden geen enkele kans."
De Indonesische president Megawati Soekarnopoetri, die gisteren een bezoek aan de rampplek bracht, riep de bevolking op kalm te blijven en zei dat de aanslagen bewijzen dat "terreur de nationale veiligheid van het land bedreigt". Uit vrees voor nieuwe aanslagen zijn op bevel van Jakarta in allerijl strategische installaties, waaronder enkele buitenlandse multinationals, onder strenge bewaking geplaatst. De stichting Calamiteitenfonds Reizen heeft gisteren een negatief reisadvies afgekondigd voor Nederlanders die een reis naar het Indonesische eiland Bali hebben geboekt. Het advies geldt in ieder geval nog vandaag. Daarna wordt de situatie opnieuw bekeken. De Verenigde Staten overwegen ambassadepersoneel uit Jakarta terug te roepen. De drie landen hebben Indonesië aangeboden te helpen bij de jacht op de daders, al heeft niemand namen genoemd.
Indonesië heeft eerder ontkend een toevluchtsoord voor moslimterroristen te zijn. Die beschuldiging was geuit door de Verenigde Staten, die daarmee doelden op leden van Al-Qaeda , het terreurnetwerk van Osama bin Laden. De Amerikanen dringen al langer aan op de arrestatie van de militante moslimleider Ba'asyir, die momenteel in Indonesië verblijft. Hij zou banden hebben met Al-Qaeda en achter andere, verijdelde terreuraanslagen in Singapore hebben gezeten. Volgens Jakarta is er voor die aanklacht geen bewijs.
Veel vakantiegangers probeerden gisteren van Bali weg te komen. Bij het vliegveld drongen toeristen samen in een poging een vliegtuigstoel te bemachtigen. Tegelijkertijd kwamen nieuwe vluchten met, vaak, nietsvermoedende toeristen aan.