door Jan Ligthart SYDNEY - Ongeloof, woede en verdriet overheersten gisteren in Australië toen duidelijk werd dat het merendeel van de slachtoffers van de bomaanslagen op Bali vakantie vierende landgenoten zijn. Tot gisteravond waren zeven doden en 113 gewonden, waarvan de helft in kritieke toestand, als Australiërs geïdentificeerd.

|
Buitenlandse toeristen helpen een meisje dat gewond is geraakt. (Foto: EPA)
|
Een geschokte en verbeten premier Howard verscheen gisteren op de nationale televisie. Hij sprak van een barbaarse, laffe daad die niet onbestraft zal blijven. "Het antwoord van Australië zal doordacht maar krachtig zijn", dreigde hij. Een team van de geheime dienst ASIO is inmiddels naar Bali afgereisd.
Het wordt niet uitgesloten dat de aanslag op de discotheken vooral was gericht tegen Australië vanwege de harde, pro-Amerikaanse lijn die dit land volgt in de oorlog tegen terrorisme en tegen het Iraakse bewind. De VS hebben de regering in Canberra de afgelopen twee weken meermaals gewaarschuwd voor aanslagen op Australische doelen. Vorige week nog werd de veiligheid rond elektriciteitscentrales in het land flink opgevoerd vanwege "serieuze aanwijzingen voor aanslagen". Desondanks ontkende Howard gisteren dat er een verband zou zijn tussen zijn politiek van de harde lijn en de aanslag in Bali.
"Dit raakt ons diep en het brengt de oorlog tegen terrorisme tot aan onze achterdeur. Maar er zijn op Bali ook Franse en Duitse slachtoffers gevallen en die landen zijn tot nu toe juist heel terughoudend geweest."
Maar het aantal slachtoffers uit die landen valt in het niet vergeleken met de klap die Australië te verwerken krijgt. Bali is voor Australiërs wat Lloret de Mar is voor Nederlanders: een zeer populaire en goedkope vakantiebestemming.