DEN HAAG - Hans van Mierlo stapt op als de Nederlandse regeringsvertegenwoordiger in de Europese Conventie. Dat is een gezaghebbende denktank die een nieuwe structuur voor de Europese Unie moet ontwerpen.
De voormalige D66-leider en oud-minister van Buitenlandse Zaken wil ons land niet langer vertegenwoordigen, omdat het kabinet volgens hem in de Conventie veel te weinig durf toont.
Van Mierlo wil dat de Europese landen hun buitenlandse beleid met meerderheid van stemmen vaststellen. Dat kan betekenen dat de Europese Unie mede namens ons land een beleid gaat voeren waar Nederland eigenlijk op tegen is. Nu hebben alle landen nog een veto over het buitenlands beleid van Europa, en volgens Van Mierlo wil Den Haag dat ook zo houden.
In een notitie van het kabinet over de Conventie "ontbreekt een analyse van wat er in de wereld aan de hand is en van de rol die Europa daarin zou moeten spelen", klaagt Van Mierlo in zijn ontslagbrief aan premier Balkenende. "De toonzetting van de notitie is van een terughoudendheid zoals ik die nimmer heb aangetroffen."
Volgens de ex-minister kan Europa nooit een tegenwicht tegen de Verenigde Staten vormen als er geen krachtiger buitenlands beleid komt. Dat is onmogelijk als het vetorecht van de landen in stand blijft, denkt hij.
"De richtingaanwijzers van het kabinet staan de verkeerde kant op. Een ambtenaar kan het regeringsbeleid desnoods nog volgen, maar voor een politicus is dat veel moeilijker", zei Van Mierlo gisteravond. Het ministerie van Buitenlandse Zaken wilde alleen kwijt dat het 'jammer' is dat Van Mierlo opstapt.