AMSTERDAM - Bij circa 15 procent van de jaarlijks ongeveer 65.000 Nederlanders die kanker krijgen, komt deze ziekte in de familie voor. Bij vijf procent is sprake van erfelijkheid, bij de overige tien procent kan geen genetische factor worden gevonden.
Dat heeft de Nederlandse Kankerbestrijding/Koningin Wilhelminafonds (KWF) bekendgemaakt bij de start van de campagne 'Erfelijkheid en kanker'. Het KWF liet de Universiteit Maastricht onderzoek doen naar de kennis van de gemiddelde burger over het al dan niet erfelijk zijn van kanker.
Deze kennis blijkt oppervlakkig en kan tot veel misverstanden leiden. De helft van de ondervraagden weet niet of een bepaald soort kanker erfelijk is. Ook dat de kans op erfelijke kanker kan worden verkleind door controles of vroegtijdige operaties, is de meeste ondervraagden onbekend.
Anderzijds wordt de erfelijkheid van borstkanker overschat. In totaal 52 procent van de ondervraagden denkt dat borstkanker altijd erfelijk is. In werkelijkheid is maar bij 5 tot 10 procent sprake van erfelijkheid.
De meesten (79 procent) weten niet dat aanleg voor borstkanker ook via de vader kan zijn doorgegeven.
Als een ouder aanleg heeft voor een erfelijke vorm van kanker, hebben de kinderen vijftig procent kans om deze aanleg te erven. Hebben de kinderen de aanleg niet geërfd, dan hebben verdere nakomelingen geen kans op deze erfelijke aanleg.