AMSTERDAM - De koersen van Unilever en Koninklijke Olie kregen gisteren forse klappen na de bekendmaking dat beide fondsen volgende week vrijdag uit de belangrijke Amerikaanse Standard & Poor's 500-index verdwijnen. Bij een omzet die ruim zes keer zo hoog lag als op een normale dag daalde de koers van Unilever met €4,25 naar €62,65. Koninklijke Olie sloot €4,80 lager op €52,45 bij een vijf keer zo hoge omzet.
De verwijdering uit de index is het gevolg van het streven van S&P om alleen nog Amerikaanse bedrijven in de beursgraadmeter mee te laten wegen. Naast Unilever en Koninklijke Olie moeten ook de Canadese bedrijven Nortel Networks, Alcan, Barrick Gold, Placer Dome en Inco plaatsmaken voor Amerikaanse nieuwkomers.
Door de verwijdering uit de index zijn managers van indexbeleggingsfondsen, die zijn gebaseerd op de S&P 500, genoodzaakt hun aandelen Unilever en Koninklijke Olie te vervangen door andere fondsen die wel in de index zijn opgenomen. Als gevolg van de maatregel komen volgens Krijn Moens van Eureffect zo'n 100 miljoen aandelen Unilever en 200 miljoen aandelen Koninklijke Olie op de markt. "De korte termijn tussen de aankondiging van de maatregel en de uitvoering verdient niet de schoonheidsprijs. Hierdoor komt er extra druk op de markt. Het was mooier geweest als de herweging ruim van tevoren was aangekondigd", aldus Moens, die verwacht dat het drukkend effect op de koersen snel zal wegebben. Unilever reageerde gisteren teleurgesteld op de verwijdering uit de index. De multinational is sinds 1961, toen het bedrijf een notering kreeg aan de New York Stock Exchange, opgenomen in de S&P 500. Volgens een Unilever-woordvoerder heeft het bedrijf daarin altijd goed gepresteerd. "De afgelopen 15 jaar heeft de koers van Unilever een gemiddelde groei van 16% per jaar laten zien tegenover een index die slechts met 10% per jaar is toegenomen. We hebben dus een duidelijke bijdrage geleverd aan de verbetering van de index."
Hoewel het nieuws van de verwijdering uit de S&P gisteren tot een forse koersdaling leidde, verwacht de Unilever-zegsman geen drastische effecten op de lange termijn. "De index is een richtlijn voor fondsbeheerders. Zo'n 30% van het aandelenkapitaal van Unilever is in handen van Amerikaanse beleggers. Slechts 4,5% van het aandelenkapitaal wordt beheerd door fondsen die de S&P 500-index volgen. Een grote meerderheid van de Amerikaanse beleggers en ook andere internationale beleggers hebben gekozen voor Unilever op basis van kwaliteit."
Ook bij Koninklijke/Shell Groep, dat sinds 1957 deel uitmaakt van de S&P-index, is men teleurgesteld. Een woordvoerder wees er nadrukkelijk op dat de verwijdering het gevolg is van een technische wijziging, en niets te maken heeft met de prestaties en de waardering van de onderneming. "Wij zijn nog steeds opgenomen in andere belangrijke indices zoals de MSCI-index, de S&P 350-index van de grootste Europese fondsen en natuurlijk de AEX." Op termijn verwacht Shell geen grote effecten. "Maar de koersontwikkeling zal het moeten vertellen."
Ook onderzoek van Standard & Poor's wijst uit dat het met de koersdrukkende effecten in de praktijk meevalt. Vanaf 1998 zijn er 189 bedrijven uit de index verdwenen. Dit was in 53 gevallen het gevolg van slechtere prestaties, waardoor niet werd voldaan aan de eisen van de index. De overige fondsen verdwenen door fusies en overnames. Volgens het onderzoek kregen de verwijderde fondsen kort na de bekendmaking te maken met een scherpe koersdaling. Gemiddeld zagen zij de koersen met 11,7% dalen tussen de aankondiging en de uitvoering van de maatregel. Deze korte termijnverliezen werden grotendeels weer teruggewonnen binnen zes dagen na de verwijdering.
Paul Aaronson, directeur bij Standard & Poor's, verdedigt de beslissing om de Nederlandse aandelen te schrappen. "Het hoort bij de ontwikkeling van de S&P 500 tot een index van de grote Amerikaanse aandelen. De afgelopen jaren is er veel kritiek geweest op de aanwezigheid van niet-Amerikaanse ondernemingen in de S&P 500. Dit zou de zuiverheid van onze Amerikaanse index vertroebelen. Hierdoor ontstonden problemen voor beleggingsfondsen die diverse indices volgen. Hoewel de aandelen Unilever en Koninklijke Olie wereldwijd verhandeld worden, ontkomen zij niet aan de invloed van Nederlandse factoren op de koers van het aandeel. Hierdoor spelen Nederlandse factoren mee in de Amerikaanse index."
Het tijdstip is volgens Aaronson gunstig aangezien er afgelopen jaar nog maar weinig veranderingen zijn geweest in de S&P. Ook is het voor het eerst dat er voldoende grote Amerikaanse bedrijven waren om de plaats in te nemen.