AMSTERDAM - Op de Amsterdamse effectenbeurs dreunde het nieuws dat Koninklijke Olie en Unilever 19 juli aanstaande uit de S&P 500-index worden gezet nog lang na. Beide "zwaarwegers" binnen de AEX-index zetten de belangrijkste Amsterdamse beursbarometer gisteren meteen bij opening al op een verlies van ruim 13 punten. Die min liep uiteindelijk op tot 19,52. De AEX sloot daarmee uiteindelijk 4,55% lager op 409,78, het laagste punt van de dag.
Standard & Poor's, vooral bekend als kredietbeoordelaar, maakte de voorgenomen wijziging van haar brede Amerikaanse beursindex S&P 500 dinsdagnacht bekend. Doordat er veel afgeleide producten - bijvoorbeeld click- en indexfondsen - aan de S&P 500 gekoppeld zijn, moeten veel fondsbeheerders de indexwijziging die voor de deur staat volgen, weten ook de analisten van Effectenbank Stroeve.
In het geval van Koninklijke Olie en Unilever betekent dat: stukken verkopen, met als gevolg dat de komende dagen veel aandelen aangeboden worden. Dat zet op zijn beurt de koers van beide fondsen onder druk, hetgeen zich gisteren al uitte in een koersval voor Koninklijke Olie van 8,4% op €52,45. Was- en voedingsmiddelenconcern Unilever kalfde 6,4% af tot €62,65.
Volgens Stroeve zou van de indexwijziging door S&P geen structurele invloed uit moeten gaan. Beleggers doen er dan ook goed aan om via een optieconstructie in te spelen op een toekomstig herstel van de aandelen, aldus de effectenbank. Dat lijkt verstandig, gezien het feit dat ook S&P zelf stelt dat indexwijzigingen een tijdelijk effect hebben op de koers van een aandeel. Na zes dagen zou het effect zijn weggeëbt, afhankelijk van de marktkapitalisatie van het fonds.
Van de 25 AEX-fondsen eindigde uiteindelijk niet één hoger. Grootste procentuele dalers waren naast Koninklijke Olie en Unilever, bankverzekeraars ING Groep (-6,8% op €24,50) en Fortis (-6,1% op €20,10), en toeleverancier aan de halfgeleiderindustrie ASML (-5,1% op €13,68).
ING en Fortis daalden in koers, omdat hun aandelenbelangen in andere beursgenoteerde fondsen afgewaardeerd werden. Beide bankverzekeraars beleggen ingelegde pensioenpremies om later aan pensioenverplichtingen te kunnen voldoen. ASML had opnieuw te lijden van negatieve uitspraken van analisten van de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch over 13 fabrikanten van chipmachines en -apparatuur.
Van de 25 Midkap-fondsen eindigden uiteindelijk niet meer dan één onveranderd en twee hoger. Grootste procentuele dalers hier waren uitzendgroep Vedior (-8,2% op €11,75) en warenhuisketen Vendex KBB (-4,6% op €12,25); stijgers waren ict-dienstverlener Ordina (+0,7% op €7,49) en luchtvaartmaatschappij KLM (+0,3% op €11,55). De Midkap zelf moest 10,67 punten (2,3%) terug tot 439,51.
In supermarktconcern Laurus (onveranderd op €1,35) kon gisteren voor het eerst weer gehandeld worden na de plaatsing van 222 miljoen aandelen bij Casino en 71,5 miljoen aandelen bij ABN Amro, ING Bank en Rabobank. Die leverde het kwakkelende winkelbedrijf een flinke zak geld op en een eigen vermogen van 'minstens €5 miljoen'. Met dat laatste voldoet Laurus aan alle eisen van Euronext Amsterdam voor een reguliere beursnotering. Het ligt dan ook voor de hand dat de beursorganisatie Laurus vandaag toestemming geeft om het zogenoemde strafbankje te verlaten. Fondsen met een negatief eigen vermogen worden op dat bankje gestald om beleggers te laten weten dat ze voorzichtig moeten zijn met de aandelen van het fonds. Vedior had te lijden van slecht nieuws over de Franse uitzendmarkt. De uitzendgroep boekt ongeveer 40% van zijn omzet in Frankrijk.
Op de lokale markt liet melkrobottenfabrikant Prolion (-2,4% op €0,82) weer eens van zich horen. In het op 25 mei van dit jaar gepubliceerde prospectus bleek al dat de banden met voorheen aandeelhouder, toeleverancier, assembleur én distributeur Trako verre van verbroken waren. Gisteren liet Prolion weten dat de problematische afwikkeling van een aantal transacties met Trako zorgt voor 'aanzienlijke financiële en bedrijfsrisico's'.
Om welke risico's het precies gaat en wat deze risico's veroorzaakt, zegt de melkrobottenfabrikant niet. De transacties waar het om gaat, zijn de overname van distributieactiviteiten in Frankrijk en Scandinavië en de aankoop van Gascoigne Melotte, beide van Trako. Prolion 'betaalde' de overnames door schulden, die Trako bij Prolion had, weg te strepen.
Prolion heeft bij de overname van Gascoigne Melotte garanties gekregen van Trako, zo valt te lezen in het prospectus. Als Trako niet in staat is deze na te komen, kan dit "negatieve financiële gevolgen hebben, die niet kunnen worden gekwantificeerd". Trako zou daarnaast een deel van de schulden van Gascoigne Melotte voldoen, maar voor deze schulden is Gascoigne Melotte volledig aansprakelijk gebleven. Dit betekent volgens Prolion dat als Trako niet betaalt, of kán betalen, Gascoigne Melotte - en dus Prolion - aansprakelijk kan worden gesteld.
Chiptester Rood Technology (-7,4% op €0,25) moest terug na uitspraken van bestuursvoorzitter Wagner nog maar voor enkele weken geld was om aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen. Een externe accountant stelt momenteel een onderzoek in naar de actuele situatie bij Rood Technology en wat het effect kan zijn van een aangekondigde herstructurering.
Voor het voortbestaan van Rood is de uitkomst van het onderzoek erg belangrijk. Zijn de uitkomsten positief dan kan dat werknemers van Rood Technology ertoe brengen om vrijwillig salaris in te leveren. Ook kunnen banken over de streep worden getrokken om weer geld te lenen.