ROTTERDAM - Een consortium van vijf banken - onder leiding van de Rabo - maakt de dienst uit bij boeren- en tuinderscoöperatie Cebeco. Om bestaande kredietfaciliteiten te kunnen herfinancieren, heeft de coöperatieve groep van 40.000 Nederlandse boeren en tuinders in moeten stemmen met de uitverkoop van een groot aantal bedrijfsonderdelen, zo blijkt uit stukken waarin deze krant inzage heeft gehad. De opbrengst van Cebeco's zogenoemde 'desinvesteringsprogramma' vloeit rechtstreeks terug naar de Rabobank. Die wil - samen met de andere geldschieters - vóór eind augustus €33 miljoen van de totale herfinanciering (€369 miljoen) terugbetaald zien.

|
De top van Cebeco kwam eind januari van dit jaar bijeen in Nieuwegein.
|
De herfinanciering van Cebeco staat tot in detail beschreven in documenten die zijn opgesteld door juristen van Nauta Dutilh. Cebeco heeft de herfinanciering rondgebreid met de Rabobank, die - samen met ABN Amro, ING Bank, Fortis Bank en Barclays Bank - ook als geldverstrekker optreedt. Wie daarbij welk deel van de €369 miljoen heeft opgehoest, is niet duidelijk.
De banken hebben aan de herfinanciering een groot aantal voorwaarden verbonden. Meest in het oog springend is dat de opbrengsten van een desinvesteringsprogramma rechtstreeks terugvloeien naar de Rabobank. Het gaat om opbrengsten van €1 miljoen of meer uit de verkoop van belangen die Cebeco de zeggenschap over een bedrijfsonderdeel doet verliezen.
Cebeco heeft zich daarnaast verplicht om de banken stelselmatig op de hoogte te houden van de gang van zaken bij het concern. Daarbij gaat het niet alleen om algemene informatie, maar ook over de financiële prestaties van de groep en haar vooruitzichten. Ook over eventuele wijzigingen in de samenstelling van het management moet Cebeco Groep de geldverstrekkers informeren, net als over een wijziging van de taakverdeling binnen het management.
Elke maand, niet later dan de 25ste, dient Cebeco de banken verder op de hoogte te brengen van de voortgang van het desinvesteringsprogramma. Het gaat dan om een overzicht van bedrijfsonderdelen die al verkocht zijn, de voortgang die geboekt is met de onderhandelingen over bedrijfsonderdelen die nog verkocht moeten worden, de verwachte opbrengst daarvan en het tijdstip waarop Cebeco over de verkopen overeenstemming denkt te bereiken.
Cebeco Groep mag verder niet zonder schriftelijke toestemming van de Rabobank bedrijfsonderdelen afsplitsen of verkopen zolang dat geen deel uitmaakt van het desinvesteringsprogramma. Als de geldverstrekkers op enig moment en op basis van de door Cebeco verstrekte informatie twijfelen over de vraag of Cebeco wel aan zijn (financiële) verplichtingen zal weten te voldoen, kunnen ze hun uitgeleende geld onmiddellijk opeisen. Dat mogen de banken ook als ze denken dat Cebeco's kasstroom opdroogt, de financiële positie van de coöperatie verder verslechtert of het bedrijf het in zijn algemeenheid slechter doet dan verwacht.
Cebeco zelf heeft altijd ontkend dat de coöperatie noodgedwongen bedrijfsonderdelen in de verkoop heeft gedaan. Eind januari kondigde de onderneming aan dat zij zich uitsluitend wilde gaan richten op haar activiteiten op het gebied van pluimvee en varkens (goed voor 80% van de huidige omzet - in 2000: €3,4 miljard). Toen al doken berichten op dat die keuze was gemaakt onder druk van de Rabobank, één van de huisbanken van Cebeco.
De Rabo zou als voorwaarde voor de verlening van kredieten hebben geëist dat Cebeco haar eigen vermogen versterkte. De coöperatie zag dat vermogen in 2000 al afnemen, van €223 miljoen tot €211 miljoen. De nettowinst als percentage van het eigen vermogen halveerde bijna, van 8,1 naar 4,2. Cijfers over 2001 zijn niet bekend.
In 2000 namen de bankkredieten verder toe, van €114 miljoen tot €172 miljoen. Ten behoeve van een aantal van die bankkredieten - een beperkt aantal, zegt Cebeco zelf - verschafte de coöperatie pandrechten op voorraden en vorderingen en hypotheekrechten. Die pandrechten zouden volgens een ingewijde vervolgens onvoldoende zekerheden meer bieden.
Voorzitter Henk Tiesinga van Cebeco's raad van commissarissen erkende eerder tegenover deze krant dat de banken eisen hebben gesteld. Die eisen zouden echter geen betrekking hebben op de huidige financieringsbehoefte van Cebeco, maar op "de huidige in combinatie met de toekomstige". De coöperatie wil namelijk investeren in pluimvee en varkensvlees, de activiteit die Cebeco tot speerpunt van haar beleid heeft gemaakt. Het woord 'overname' of 'investering' komt in de documenten van Nauta Dutilh echter niet één keer voor.