door Hans Kuitert PODGORICA - Mondaine Olga Vukotic tooit zich altijd in Italiaanse merkkleding. In haar woonplaats Belgrado is die niet in gewone winkels te koop. Haar favoriete boetiek is zes hoog in een grauw appartementengebouw aan de zuidkant van de Servische hoofdstad. Daar gaat zij iedere maand naar toe, als 'Alexander' weer nieuwe modellen heeft binnengekregen. "Het nieuwste van het nieuwste", glundert Olga. "En goedkoop." 'Alexander' is een slimme jongen. Hij doet in import-export, wat op de Balkan gewoon smokkel betekent.

|
Op een markt in Pristina worden gesmokkelde sigaretten verhandeld. (Foto: AP)
|
Olga voelt zich niet schuldig. "Hij is geen Serviër, zoals ik. Hij is een Montenegrijn. Die zitten allemaal in de smokkel. In het Westen hebben ze het wel eens over de Servische maffia, maar die is er niet. De maffia is in handen van Montenegrijnen en Albanezen."
De Italiaanse justitie heeft het nu eens openlijk gezegd. De Montenegrijnse president Milo Djukanovic wordt ervan verdacht de hand te hebben in die smokkel, vooral van sigaretten. Jaarlijks missen Europese landen 1,7 miljard euro aan accijnzen, omdat de sigaretten natuurlijk belastingvrij worden verkocht op de Balkan.
Even buiten de grauwe hoofdstad Podgorica ligt de enige sigarettenfabriek van Montenegro. "Niet te roken, dat bocht", gromt een jochie van amper twaalf, die langs de weg naar Cetinje in het zuiden alle westerse merken voor een habbekrats verkoopt.
Het is in Montenegro een publiek geheim dat Djukanovic en zijn broer Aco, maar ook anderen in zijn regering, van de sigarettensmokkel leven.
Vanaf de kleine kustlijn van het bergstaatje racen dagelijks smokkelaars in speedboten naar de overkant, naar Italië. Hun boten zijn snel, meestal te snel voor de Italiaanse douane. Ze doen er amper drie uur over om Bari te bereiken.
Douane en politie in tal van Balkan-landen knijpen een oogje toe, omdat ze iedere keer een aanvulling op hun magere salarissen in de hand gedrukt krijgen.
Onder druk van de Europeanen, de Italianen voorop, worden vooral de Serviërs gedwongen de smokkel aan te pakken. De baas van de politie-eenheid die deze ondankbare taak moet uitvoeren, Ljubinko Nikolic, heeft er een hard hoofd in. "Je moet niet vergeten dat smokkelen tijdens de oorlogen hier door de staat werd toegestaan. Het was de enige manier om de sancties te omzeilen."
Nu de Balkan traag op weg is naar meer vrede, weigert de smokkelmaffia de lucratieve handel op te geven.
De Balkan is het eindstation. De smokkel is vaak door Montenegrijnen en Albanezen al georganiseerd in de Verenigde Staten of West-Europa.
Ook Olga paft gesmokkelde Marlboro's als zij haar inkopen doet bij 'Alexander'. Hoe zij aan het geld komt om zich die haute couture aan te meten? Zonder verblikken beantwoordt ze die hamvraag: "Ach, mijn man zit in import-export." En na enig aandringen: "Ja, ja, hij komt uit Montenegro."