De Telegraaf-iDe KrantNieuwsLinkSportLinkDFT.nlDigiNieuwsCrazyLife
di 4 juni 2002  
---
Nieuwsportaal
---
Uit de krant 
Voorpagina Telegraaf 
Binnenland 
Buitenland 
Telesport 
Financiële Telegraaf 
Archief 
ABONNEER MIJ 
---
En verder 
Over Geld 
Scorebord 
Autotests 
Filmpagina 
Woonpagina 
Reispagina 
---
Ga naar 
AutoTelegraaf 
Reiskrant 
Woonkrant 
Vacatures 
DFT 
Privé 
 
Weerkamer 
Al onze specials 
Headlines 
Wereldfoto's 
Wereldfotos 
---
Kopen 
Speurders 
Koopjesjager 
---
Met Elkaar 
Dating 
---
Mijn leven 
Vrouw & Relatie 
AstroLink 
Uw horoscoop vandaag 
---
Contact 
Abonneeservice 
Advertentietarieven 
Mail ons 
Over deze site 
Bij ons werken 
Alle uitslagen, standen, programma's 
[terug]
 D E   T E L E G R A A F   B I N N E N L A N D 
BINNENLAND ACTUEEL: NIEUWSPORTAAL
 
  Omgekomen springers zouden
meedoen aan NK parachutisten

   
 

door Ernst Nordholt AMSTERDAM/TEXEL - Het moet de schrik zijn van iedere parachutist. Op vier kilometer hoogte de relatieve veiligheid van de snorrende Cessna verlaten, samen met je springmaten een formatie vormen, om duizenden meters lager, vlak boven de grond in aanvaring te komen met een collega-springer.

Dát horrorscenario trad zondagavond boven Texel in werking. Op veertig meter boven de grond raakten twee uiterst ervaren parachutisten van het Hilversumse parateam High Five in een, zo zou later blijken, dodelijke verstrengeling.

De 30-jarige Gerbert van Vliet uit Maastricht en Robert Brinksma (34) uit Utrecht raakten elkaar in de aanvliegroute naar de landingplaats. Van veertig meter hoogte kletterden de twee als een baksteen naar beneden. Een van hen was op slag dood, bij de ander mochten reanimatiepogingen niet meer baten. Beiden hadden enkele honderden sprongen op hun naam en golden als ervaren springers. Het team High Five zou over twee weken meedoen aan het NK-formatiespringen. De verslagenheid op het paracentrum Texel is enorm.

Aanvliegroute

Ondertussen verricht de Luchtvaartpolitie, onderdeel van het KLPD, onderzoek naar de crash: "Het landingspunt, de grindbak, is uitgezet op een landingsterrein van ongeveer 70 bij 70 meter. Die mannen springen met een club van 5. Ik weet niet hoe druk het op dat moment was in de aanvliegroute, of zij de enigen waren of dat er nog meer aan kwamen zeilen. Op weg naar het landingsterrein moet er iets vreselijk zijn misgegaan bij het aanvliegen. De lichamen van die jongens lagen op 3 meter afstand van elkaar. Dat moet een rotklap zijn geweest," aldus Krazewski.

Hij relativeert onmiddellijk de gevaren van het parachutespringen. "Hoeveel sprongen er jaarlijks worden gedaan weet ik niet. Het aantal dodelijke ongelukken bedraagt jaarlijks één, hooguit twee. Er zijn er natuurlijk genoeg die even niet opletten en in een boomtop terechtkomen of prikkeldraad meenemen, maar dat loopt meestal goed af." Volgens Kraszewski is uit onderzoek inmiddels vast komen te staan dat er aan het materiaal van Gerbert en Robert niets mankeerde.

"De Luchtvaartpolitie verhoort momenteel getuigen om te onderzoeken of er mogelijk sprake is van een strafbaar handelen als gevolg van verwijtbaar gedrag. Dat zou dood door schuld opleveren", aldus Kraszewski.

Vorige week nog raakte een 35-jarige ervaren parachutist uit Nijmegen ernstig gewond toen hij met zijn splinternieuwe parachute boven vliegveld Teuge naar beneden sprong.




 

zoek naar gerelateerde artikelen


di 4 juni 2002

[terug]
     
© 1996-2002 Dagblad De Telegraaf, Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.