SANTIAGO - Máxima's vader Jorge Zorreguieta heeft gisteren tegenover een onderzoeksrechter in de stad La Plata verzekerd geen weet te hebben gehad van het "repressieve karakter" van het militaire bewind dat hij aan het eind van de jaren zeventig diende als onderminister van Landbouw.
Het 'waarheidstribunaal' in La Plata probeert de ware toedracht te achterhalen van de duizenden politiek gemotiveerde moorden en verdwijningen die tijdens het generaalsregime plaatsvonden. De rechters hadden de 73-jarige Zorreguieta opgeroepen te getuigen in de zaak van het in oktober 1976 verdwenen tienermeisje Lidia Inés Amigo, de dochter van zijn voorganger op het landbouwdepartement, Alberto Amigo.
De moeder van Lidia Inés vertelde het tribunaal eerder dat zij en haar echtgenoot in december 1976 een ontmoeting hadden met Jorge Zorreguieta om diens hulp te vragen bij het traceren van het verdwenen meisje. Tegenover de rechters verklaarde mevrouw Matilde Leston dat Zorreguieta haar weliswaar beleeft aanhoorde maar verder "absoluut niets" heeft gedaan om Lidia Inés terug te vinden.
Zorreguieta zei gisteren zich de ontmoeting nog te kunnen herinneren, maar sprak tegen dat hij niets zou hebben gedaan om te helpen. "Ik heb na deze afspraak meteen contact gezocht met luitenant-kolonel Pedro Coria, die naar mijn beste weten iets van doen had met de beveiliging van het departement van Landbouw, en hem de vragen van de Amigo's voorgelegd. Ik weet ook nog dat de heer Coria al op de hoogte was van dit verdwijningsgeval. Hierna heeft niemand deze zaak mij opnieuw onder de aandacht gebracht", zo vertelde Jorge Zorreguieta aan onderzoeksrechter Antonio Basilio.
Momenten later benadrukte Jorge Zorreguieta dat hij als onderminister niets meer kon doen dan het plegen van een paar telefoontjes. "Ik had geen toegang tot het soort informatie dat de familie Amigo zocht", aldus Zorreguieta, die voorts opmerkte later nog eens met luitenant-kolonel Coria te hebben gebeld in verband met de verdwijning van een ambtenaar verbonden aan het Bedrijfschap voor de Graanhandel. "Deze meneer was drie dagen later weer thuis en kon spoedig daarna zijn werkzaamheden hervatten", aldus Zorreguieta tijdens zijn ongeveer drie uur lange getuigenverklaring. Aan zijn verschijning voor het 'waarheidsgerecht' zitten geen strafrechtelijke consequenties. • Jorge Zorreguieta liet gisteren voor het 'waarheidsgerecht' weten dat hij niets heeft geweten van het repressieve karakter van het militaire bewind dat hij aan het einde van de jaren zeventig diende als onderminister van Landbouw. FOTO: REUTERS