BRUSSEL - De werkloosheid in de twaalf landen van de eurozone, de EU-lidstaten die de euro hanteren, is in april verder gedaald. Was in maart nog 8,4% van de beroepsbevolking werkloos, in april was dat 8,3%. In april vorig jaar lag de werkloosheid nog op 9%.
In de Europese Unie als geheel daalde de werkloosheid van 7,7 naar 7,6%. In april 2000 was dat nog 8,4%, zo blijkt uit gisteren door Eurostat (het EU-bureau voor de statistiek) bekendgemaakte cijfers. Luxemburg had het laagste percentage (2,4%). Spanje stond daarentegen met 13,1% aan kop.
Nederland springt er volgens Eurostat uit omdat het in de laatste twaalf maanden (tot en met maart) de werkloosheid zag dalen van 3,2% naar 2,4%. Verder viel ook Zweden op met een daling van 6,2% naar 4,9%. In Ierland viel de werkloosheid terug van 4,4% naar 3,8% en in Frankrijk van 9,8% naar 8,5%.
In de praktijk betekenen de cijfers dat er in april in de eurozone 11,4 miljoen mannen en vrouwen werkloos waren, en in de gehele Europese Unie 13,2 miljoen.