DEN HAAG - Een zoon die bekende dat hij erbij was, maar zijn vader ervan beschuldigt de dodelijke schoten te hebben gelost, en een vader die in alle toonaarden zwijgt. Daarmee moet de rechtbank in Den Haag het dinsdag doen, bij de behandeling van de dubbele moordzaak in het Haagse stadsdeel Loosduinen.
De 30-jarige zoon W.R. en zijn vader, de 51-jarige J.R., worden ervan verdacht dat zij in mei vorig jaar betrokken waren bij de moord op twee Hagenaars van 22 en 31 jaar. De twee werden na een avondje stappen dood gevonden in een parkeergarage in de wijk Loosduinen. Beide waren door drie schoten uit een vuurwapen om het leven gekomen.
Enkele uren na de moord werd bij een woonwagenkamp in de buurt een uitgebrande auto gevonden met kogelgaten erin. De auto stond op naam van J.R.. Hij had nog diezelfde ochtend aangifte gedaan van diefstal.
De vader laat de feiten voor zich spreken: zijn auto werd volgens de aangifte gestolen voordat de beide mannen werden vermoord. Als de aangifte juist is, kan hij er dus niet bij zijn geweest.
Volgens de zoon was J.R. er niet alleen bij maar loste hij ook nog de fatale schoten. Zijn vader dwong hem om er bij te blijven en te helpen en zou zelfs hebben gedreigd om hem neer te schieten als hij niet zou gehoorzamen.
Volgens de raadsman van de vader, rammelt de bekentenis van de zoon aan alle kanten. Bewijs voor de verklaringen ontbreekt al helemaal. Het motief voor de moord is nog onduidelijk.
Voor de slachtoffers van de dubbele moord is in de parkeergarage waar zij het leven lieten, een monument ingericht. Drieduizend mensen liepen kort na de moord mee in een stille tocht om de twee te herdenken.