Dat schrijft minister Korthals (Justitie) in een brief
aan de Tweede Kamer.
De VVD-bewindsman stelt voor dat het openbaar ministerie de informatie
gaat verstrekken. Korthals stelt nadrukkelijk dat er zeer voorzichtig
met de gegevens van de ex-gedetineerden moet worden omgesprongen.
Zo vindt hij dat de slachtoffers en de nabestaanden precies mogen weten
wanneer iemand uit de gevangenis komt, maar aan hen zal niet worden verteld
waar de ex-pedofiel komt te wonen.
Wel vindt Korthals dat het openbaar ministerie en slachtofferhulp
meer moeten doen dan alleen het melden van de datum waarop iemand vrijkomt.
"Men dient ook beschikbaar te zijn voor vragen en het bieden van zorg",
zo schrijft de bewindsman, die erop wijst dat in sommige steden politie
en justitie gezamenlijk een loket hebben geopend waar slachtoffers met
al hun vragen terecht kunnen.
Volgens Korthals moet het openbaar ministerie de politie en de burgemeester
van een gemeente inlichten wanneer er gevaar voor de openbare orde dreigt.
Dat kan bijvoorbeeld wanneer er signalen zijn dat de buurt waarin een
ex-pedofiel komt te wonen plannen heeft om voor eigen rechter te gaan
spelen. De politie kan in dat geval contact opnemen met het slachtoffer,
de ex-gedetineerde en buurtbewoners en op die manier bemiddelen in het
conflict.
Volgens Korthals is een ander voordeel van het doorgeven van de informatie
over de ex-zedendelinquent aan de politie dat de kans op herhaling van
het misdrijf afneemt.
In eerste instantie zal er alleen informatie over zware ex-zedendelinquenten
worden doorgegeven. Wanneer dat blijkt te werken, wil Korthals ook informatie
laten verstrekken over gedetineerden die met proefverlof gaan of die hun
straf hebben uitgezeten na het plegen van een ernstig geweldsmisdrijf.