'Rendementsheffing wordt
vermogenswinstbelasting'
ROTTERDAM, donderdag
De vermogensrendementsheffing die in de belastingherziening voor de
21e eeuw is opgenomen zal zich op termijn alsnog ontwikkelen naar een
vermogenswinstbelasting. Dat is een gevolg van "de dynamiek in maatschappelijke
opvattingen over inkomen en vermogen".
Dat voorspelt professor L.G.M Stevens, hoogleraar Fiscale Economie aan
de Erasmus Universiteit Rotterdam in het Weekblad voor Fiscaal Recht dat
vandaag verschijnt. De vermogensrendementsheffing is een nieuwe belasting
op vermogen die iedere vermogende aanslaat voor een fictief rendement
van 4%, ongeacht wat er werkelijk met dat vermogen is verdiend. Over die
4% moet vervolgens 30% belasting worden betaald.
Vooral de linkse oppositiepartijen kritiseren de vermogensrendementsheffing
als "een feest voor de rijken", omdat bij het huidige economische klimaat
bijvoorbeeld door het beleggen in onroerend goed, aandelen of aandelenfondsen
aanzienlijk hogere rendementen kunnen worden behaald. Die partijen pleiten
daarom voor een vermogenswinstbelasting waarbij niet een fictief maar
het reële rendement van het vermogen wordt belast.
Progressieve tarieven
Stevens houdt de critici echter voor dat ook belastingstelsels
niet statisch zijn. Als na de invoering van de vermogensrendementsheffing
in 2001 steeds meer vermogen onder dat fiscaal regime zal worden gebracht,
zal volgens hem opnieuw discussie ontstaan over een vermogenswinstbelasting
met progressieve tarieven, zoals die ook in de inkomstenbelasting bestaan.
"De vermogensrendementsheffing is eerder een voedingsbodem dan een blokkade
voor de vermogenswinstbelasting," aldus Stevens.
Volgens hem zal er op termijn ook verandering komen in de fiscale behandeling
van de hypotheekrenteaftrek. "Ieder die met een belangeloze blik naar
de bestaande en voorgestelde richting kijkt, zal tot de conclusie komen
dat de nieuwe regeling onevenwichtig is," aldus Stevens.
Hij voorspelt dan ook dat "als de politieke opvattingen daarvoor rijp
zijn" de eigen woning op termijn zal worden ondergebracht in de vermogensrendementsheffing,
waarbij wel een voor iedere woningbezitter gelijke vrijstelling geldt.
|