De euforie die dinsdag op de effectenbeurs van New York ontstond nadat het Amerikaanse stelsel van centrale banken de rente verhoogde maakte gisteren plaats voor bezinning. De Dow Jones-index moest het bekopen met een daling van 49,24 punten en sloot op 10883,09.
De Dow Jones-transport daalde met maar liefst 3% tot 3004,13 punten in verband met de hogere olieprijs. Het zuurst werd echter gekeken op de obligatiemarkt nadat het Ministerie van Arbeid de consumentenprijsindex (CPI) over de maand oktober bekend maakte. De CPI wordt als de belangrijkste inflatiemeter gezien onder de cijfers die de overheid op gezette tijden publiceert. Hoewel de PPI-stijging van 0,2% conform de gemiddelde verwachting van analisten was, reageerde de dertigjarige staatslening met een hoger rendement van 6,13%.
De financiële waarden stonden onder druk na de eerdere renteverhoging
met een kwart procentpunt tot 5,5%. American Express werd $4 7/8 afgewaardeerd
tot $154 5/8 en was daarmee de grootste daler van de Dow. JP Morgan daalde
met $2¾ tot 139¾. Citigroup maakte bekend de basisrente met
een kwart procentpunt te hebben verhoogd. De bank kalfte $1¾ af op
$56¼.
Zelfs de Nasdaq-index moest het bekopen met een daling van bijna 1% tot 3269,37 punten. Hewlett Packard noteerde $1½ hoger op $77½. 's Werelds een na grootste computer-bedrijf maakte nabeurs de resultaten over het vierde kwartaal van het boekjaar bekend. Analisten rekenden gemiddeld op een winst per aandeel van 73 dollarcent, deze bleek uiteindelijk 2 cent hoger uit te vallen. Onlangs waarschuwde het bedrijf nog dat het niet zou kunnen voldoen aan de aanvankelijke verwachting van analisten van een winst per aandeel van 99 dollarcent, veroorzaakt door problemen bij de server-divisie.
Net zoals dinsdag stond Priceline.com weer in de schijnwerpers. Het aandeel steeg met $8 1/8 tot $76 7/8 nadat het internet-veilinghuis bekendmaakte tickets te zullen gaan aanbieden van drie grote luchtvaartmaatschappijen.