Militaire bemoeizucht niet
enige plaag van Pakistan
door Rob Sloot - SINGAPORE, zaterdag
Slechts het feit dat een land niet failliet kan gaan
heeft Pakistan tot dusver voor het bankroet behoed. Maar het is
economisch aan lager wal en wordt met IMF-infusen en andere Westelijke
bijstand van gemiddeld 4 miljard gulden per jaar kunstmatig in leven
gehouden.
Het heeft een schuld van 65 miljard gulden en leeft van
de hand in de tand sinds het zich eerder dit jaar niettemin een
kernwapen veroorloofde. Vanaf dat moment wordt de internationale hulp
als sanctie slechts mondjesmaat verstrekt.
Rond de verkiezingen van 1997 beloofde de nu onder
huisarrest verkerende premier Nawaz Sharif ingrijpende economisch
hervormingen zoals verregaande privatisering van staatsbedrijven en een
krachtige verhoging van de belastingopbrengst. Vooral dat laatste was
een loze kreet in het land waar minder dan twee procent van de
bevolking zich van haar fiscale plichten kwijt.
Het is bij beloften gebleven mede omdat de hervormingen
niet in goede aarde vielen bij de 'heersende klasse' aan wie via
goedkope leningen van staatsbanken totaal van zo'n 8 miljard gulden
werd verstrekt. Het overgrote deel van dat geld kwam terecht bij leden
van het nationale parlement. De nieuwe militaire machthebber generaal
Pervez Musharraf heeft gisteren hun binnenlandse bankrekeningen
bevroren, evenals die van andere politici.
"Stabiliteit"
Ofschoon de militaire staatsgreep van dinsdag j.l.
door vele Pakistani wordt toegejuicht als een mogelijke weg uit de
economische chaos is het verontrustend dat de generaals zo zwijgzaam
zijn over hun plannen. Musharraf kondigde gisteren de vorming van een
overgangsregering aan, die een "effectief en eerlijk" beleid
moet gaan voeren. Het regime hecht daarbij veel waarde aan
"stabiliteit, geloofwaardigheid, doorzichtigheid en
verantwoordelijkheid", aldus de officiële verklaring.
Hopelijk zal Musharraf vandaag tijdens zijn toespraak
voor radio en tv meer duidelijkheid verschaffen.
De generaals zijn wellicht minder corrupt dan het regime
van premier Sharif, maar een werkelijk heil mag het verarmde land ook
van de militairen niet verwachten, al was het maar omdat de
internationale hulpinstellingen de geldkraan plegen dicht te draaien
zodra generaals ergens de macht grijpen.
Volgens de grondwet, die Musharraf buiten werking heeft
gesteld, is Pakistan een democratisch-parlementaire islamitische
republiek. Het woord democratie moet met een grote korrel zout worden
genomen. Democratische ontwikkelingen maken al decennia lang pas op de
plaats. In de 52 jaar van zijn bestaan werd Pakistan gedurende 24 jaar
geregeerd door generaals, die de democratie aan hun laars lapten.
Nawaz Sharif zette die traditie op civiele wijze voort.
Belangrijke besluiten placht hij te nemen na consultatie van een
gezelschapje raadgevers. Kabinetszittingen waren zeldzaam onder Sharif.
Het land wordt bovendien geteisterd door geweld tussen
etnische en religieuze groepen. Politie en justitie zijn tegen dat
geweld niet opgewassen. Een van de gevolgen daarvan is dat het
merendeel van de 135 miljoen Pakistani het vertrouwen in die instanties
volledig heeft verloren.
Voor de politiek gaat feitelijk hetzelfde op. De macht
is in handen van een vliesdunne bovenlaag die bestaat uit bureaucraten,
militairen, leden van de machtige geheime diensten en enkele
'belangrijke' families die de grondwettelijke controlemechanismen met
gemak weten te omzeilen.
De grootste plaag tenslotte is de corruptie die de
gehele samenleving als een ongeneeslijke ziekte doorwoekert.
Met al deze dingen hebben Pakistan en de rest van de
wereld leren leven. Nieuw aan de huidige situatie is dat het land nu
een kernmacht is waarin de macht over de kernwapens is onttrokken aan
de controle van een parlement en een burgerregering. In een
heetgebakerd land, dat sinds zijn geboorte in 1947 al vier keer een
oorlog met zijn buurman en aartsvijand India heeft gevoerd is dit een
bijzonder risico dat de rest van de wereld zeer verontrust.
|