Saddam dreigt Iran
Van onze correspondent -
JERUZALEM, maandag
De Iraakse president Saddam Hoessein heeft het
buurland Iran afgelopen weekeinde gedreigd met militair geweld als
uitstaande problemen niet snel worden opgelost. Het gaat daarbij om nog
onopgeloste geschillen die zijn voortgekomen uit de Iran-Irak oorlog
van 1980-1988.
Saddam liet de elfde verjaardag, 'De Grote Victorie
Dag' gedoopt, van het einde van de oorlog niet ongemerkt voorbij gaan,
en trok fel van leer.
Iran blijft een agressor, aldus Saddam, die erop wees
dat Iran aanvallen had uitgevoerd op basis in Irak van de Iraanse
oppositie. Ook betichtte hij Iran ervan militaire en burgervliegtuigen
vast te houden.
Die toestellen stuurde Saddam tijdens de Golfoorlog om
Koeweit in 1990-1991 naar Iran. Hij had gehoopt daarmee een deel van
zijn luchtmacht te behouden, maar Iran is alleen bereid de toestellen,
zo'n 22 in aantal, over te dragen aan de Verenigde Naties.
"Irak heeft altijd", zo bezwoer Saddam,
"redelijkheid laten prevaleren, maar zal niet aarzelen geweld te
gebruiken als dat de enige manier is om de rechtvaardigheid van zijn
zaak te bewijzen."
Teheran reageerde laconiek op de boodschap uit
Bagdad. "Met deze woorden probeert Saddam zijn vele mislukkingen
te maskeren", aldus een Iraanse regeringswoordvoerder.
Soldaten van de erewacht marcheren langs het enorme
Monument van de Martelaren in de Iraakse hoofdstad Bagdad tijdens de
ceremonie waarbij gisteren de slachtoffers werden herdacht van de
oorlog met Iran, die van 1980 tot 1988 duurde.
De Iraakse president Saddam Hoessein beschuldigde
Iran ervan nog steeds duizenden Iraakse krijgsgevangenen vast te
houden, terwijl Bagdad volgens eigen zeggen wel alle 39.000 Iraanse
krijgsgevangen naar huis liet gaan.
Iran en Irak beëindigden in 1988 hun oorlog over
de heerschappij over de belangrijke Shatt-al-Arab waterweg naar de
Perzische Golf, maar tekenden nooit een vredesverdrag. Toen het er toch
van leek te komen, viel Saddam Koeweit binnen, en sindsdien heeft
Teheran geen haast gezet achter het verbeteren van de betrekkingen.
FOTO: Reuters
|