De Telegraaf-i [] VoorpaginaDe Telegraaf-i [] ArchiefDe Telegraaf-i [] XtraDe Telegraaf-i [] NieuwsLinkDe Telegraaf-i [] NieuwsFocusDe Telegraaf-i [] VacaturesiteDe Telegraaf-i [] AutositeDe Telegraaf-i [] Weersite
 &referer=" WIDTH="0" HEIGHT="0" BORDER="0" ALIGN="LEFT" ALT=""> [Nederland]
[Buitenland]
[Telesport]
[Financiën]
[Nederland]
 

 


maandag
26 april 1999

 


[ABN AMRO]
[BOL, voor al uw boeken]
[Netevents]
[Prive Roddelbox]
[V & L informatica]
[KPN]

Parel op kroon

door Raymond Kerckhoffs - MAASTRICHT, maandag

Met een koelbloedige tactiek werd de parel op de kroon gezet. Eindelijk kon de Rabobank-wielerploeg de numerieke meerderheid uiterst professioneel uitbuiten. Uitgerekend de parel van de Nederlandse wielersport, Michael Boogerd, onderstreepte in de Amstel Gold Race weer eens dat de magere jaren voor ons polderlandje in het cyclisme verleden tijd zijn.

Glunderend van oor tot oor analyseerde ploegleider Theo de Rooy de wedstrijd. "Hoe de jongens de koers hebben bepaald, is ongelooflijk. Dit leek weer op eind jaren zeventig, toen Jan Raas, Gerrie Knetemann, Joop Zoetemelk en onder meer Hennie Kuiper regeerden. Fantastisch, hoe de ploeg de tactiek heeft uitgevoerd. Ze hebben gereden met een spiegeltje op hun hoofd en steeds geprofiteerd van het collectief. Daarin hebben Leon van Bon en Markus Zberg een sleutelrol gespeeld. Zij waren de 'snelle jongens' die we achter de hand hielden, waardoor de renners aan de kop geen trap teveel hoefden te doen. Niemand mocht meerijden wanneer de winstkansen onder de vijftig procent lagen. Dit scenario hebben we vooraf goed besproken. We beseften dat we alleen op de deze wijze de numerieke meerderheid konden omzetten in een overwinning"

Al vroeg in de wedstrijd reageerde Koos Moerenhout attent toen Ludo Dierckxsens en Alexandre Vinokourov bij de eerste beklimming van de Cauberg de teugels aantrokken. Liefst 138 kilometer reed het trio vooruit, waarna Moerenhout zich ook nog een tijd in de finale van voren handhaafde. "De laatste kilometers had ik zelfs kramp in mijn handen, maar als je overal ploegmaten om je heen ziet schitteren, voel je die pijn niet."

Achter Moerenhout positioneerden de kopmannen zich in een ideale situatie voor de finale. Na de Keutenberg en de Cauberg bleven alleen de sterkste vijftien renners over, waarbij vijf Rabo's. "Zo wilden we het precies hebben", gaf Leon van Bon aan. "Vooral op de vlakke gedeelten tussen de beklimmingen hebben we de wedstrijd hard gemaakt. Als je bergop aanzet, rij je misschien je eigen ploegmaten eraf. Dat is verleden jaar gebeurd toen Boogerd en Den Bakker op de Cauberg aangingen."

Op het vals plat, op het plateau voorbij de Muizenberg, vond dan ook de beslissing plaats. Lance Armstrong demarreerde, Boogerd reageerde als eerste, waarna later ook Missaglia Zberg aansloten. Op de Halembaye bleken Armstrong en Boogerd de sterksten en lieten de twee achter zich.

Bij het binnenrijden van Nederland was het kwartet echter weer compleet, maar dat was slechts voor een kilometer. Bij het opdraaien naar de Pietersberg reed Zberg tegen de motor van een Franse fotograaf, die helemaal verkeerd stond geparkeerd. Met een harde klap smakte de Zwitser tegen het asfalt en nam in zijn val ook Missaglia mee. "Er rust voor mij een vloek op Nederland", zei Zberg later beteuterd. "In de finale van het WK zat ik verleden jaar ook in de kopgroep, totdat ik viel door een onvoorzichtige toeschouwer. Ondanks de overwinning van de ploeg baal ik als een stekker. Er had voor mij meer ingezeten."

Ondanks de rampspoed raakte Boogerd niet in paniek en versloeg hij Armstrong in de sprint. "Het is jammer dat de Nederlands kampioen in de finale van de enige klassieker in zijn land zo moet rijden", zei Armstrong zwaar teleurgesteld. "Ik had verwacht dat Boogerd zou overnemen."

Toch was er in het US-Postal-kamp respect voor Boogerd. "In België staan Nederlanders bekend als wieltjeszuigers", gaf ploegleider Bruyneel aan. "Ik kan Boogerd echter geen verwijt maken. Hij heeft tactisch slim gereden. Ik heb zelf nog met hem gereden en normaal doet hij meer dan honderd procent zijn werk wanneer hij zich goed voelt. Toch denk ik dat Armstrong de beste man van de wedstrijd was. Maar als je geen kopwerk meer hoeft te doen, is dat een wereld van verschil in de sprint. Op die manier kon ik in de Tour van 1992 ook Miguel Indurain in Luik kloppen."

Een wijze les, die ook Theo de Rooy kende. Een mooier slot van een imponerend voorjaar was voor de Rabo-ploeg niet denkbaar. "De balans is meer dan positief. Wij denken ook al aan de ploeg voor volgend jaar. Misschien kan er voor de Vlaamse klassiekers nog naar versterking worden gekeken, maar onze belangrijkste taak is om deze groep bij elkaar te houden. Dit is de ploeg van de toekomst."






[Voorpagina]

[Nederland]

[Buitenland]

[Telesport]

[De Financiële Telegraaf]

[Xtra]




Auteursrechten voorbehouden 1996-1999, © Dagblad De Telegraaf, Amsterdam
De Telegraaf-i wordt het best bekeken met Netscape Navigator, Netscape Communicator of Microsoft Internet Explorer.