Banden crash per toeval ontdekt
Van onze verslaggevers - DEN HAAG, donderdag
Stom toeval leidde de parlementaire
enquêtecommissie Bijlmerramp naar het schokkende feit dat de
luchtverkeersleiding op Schiphol dertig minuten na de crash met El Al
overeenkwam de giftige lading van het toestel te verzwijgen.
Tijdens het verhoor van S.S. Koopmans, directeur operationele
zaken van de Luchtverkeersleiding Nederland, gistermorgen bleek dat
deze de banden uit een kast had opgedoken en ze had beluisterd om te
ontdekken of er sprake was van helikopterverkeer boven de Bijlmer vlak
na de ramp.
Op die tapes staan telefoongesprekken vanuit de
verkeerstoren, die sinds de ramp op 4 oktober 1992 in de kast hebben
gelegen en pas twee weken geleden door Koopmans (foto) aan de
enquêtecommissie zijn overhandigd.
Schokkend
De informatie op de banden is ronduit
schokkend. Een half uur na de inslag belt een medewerker van de
Israëlische luchtvaartmaatschappij met de verkeerstoren en meldt
dat de 'El Al 1862' "een behoorlijke hoeveelheid explosieven,
cartridges (munitie), gif, gassen en brandbare vloeistoffen" aan
boord had. Ook was er een niet-aangemelde passagier aan boord naast de
drie bemanningsleden.
De El Al-vertegenwoordiger dringt er op aan om hier
geen mededelingen over te doen, aldus Koopmans. "Dat zullen ze
niet van ons horen", luidt het op tape vastgelegde antwoord van
een medewerker van de verkeersleiding.
Later op de band zijn, volgens Koopmans, zeven mensen te
horen die telefoongesprekken voeren over de landing van de rampkist.
Een van hen zegt: "Deze informatie onder de pet te zullen
houden."
Informatie
Volgens Koopmans is de geheime informatie
over de explosieve lading nog diezelfde avond gemeld aan de top van de
Rijksluchtvaartdienst, die toen onder leiding stond van
directeur-generaal Jan Willem Weck. De volgende ochtend werden ook de
top van de luchtverkeersleiding en luchthaven Schiphol op de hoogte
gesteld.
Bronnen rond de enquêtecommissie verklaren
tegenover deze krant dat Weck tijdens de voorgesprekken heeft erkend
dat er op de avond van de ramp contact is geweest tussen hem en de
verkeersleiding. De inmiddels overgeplaatste directeur stelt echter dat
er nimmer over het gevaar van de lading is gesproken.
Voormalig minister van Verkeer en Waterstaat H.
May-Weggen laat onthutst weten dat zij de informatie nooit heeft
ontvangen. "Pas twee weken geleden werd ik ingelicht. Daarvoor
wist ik van niets." May-Weggen heeft kort na de ramp verklaart dat
er slechts parfum, bloemen en consumenten elektronica aan boord van het
vliegtuig zat.
Volgens F. Erhart, onderzoeker van de Raad voor de
Luchtvaart, is er echter sprake van een misverstand en heeft El
Al-informatie van een verkeerd vrachtdocument voorgelezen. Erhart stelt
dat hij na onderzoek ter plaatse, op basis van zijn ervaring als
onderzoeker en militair, met 100% zekerheid weet dat er geen munitie
aan boord was.
Volgens hem stak het onderzoek naar de toedracht,
waaraan hij heeft meegewerkt, kwalitatief "met kop en schouders
uit" boven andere onderzoeken.
Onderzoeker Wolleswinkel van de Raad voor de Luchtvaart,
die door Weck belast was met het onderzoek naar de ramp, zal morgen
zwaar aan de tand gevoeld worden door de enquêtecommissie. Hij
heeft deze informatie niet boven tafel gekregen.
Minister Borst (Volksgezondheid) noemt het
"volstrekt onverantwoordelijk" van de RLD. "Als je weet
dat er gevaar dreigt voor hulpverleners en bewoners, dan moet je je
doodschamen," aldus Borst. "Ik kan het niet geloven, ik ben
echt geschokt. Waarom wist het vorige kabinet dit niet."
|