Pensioenfondsen bieden op
Nationale Investeringsbank
Van onze verslaggevers - DEN HAAG, maandag
De grootste twee Nederlandse pensioenfondsen, ABP en
PGGM, zullen nog voor eind maart volgend jaar een bod uitbrengen op de
Nationale Investeringsbank (NIB). Het tweetal biedt onder voorbehoud
66 per aandeel, wat neerkomt op een totaalbedrag van ongeveer
4 miljard. Geen spectaculair bod, zo oordeelden analisten. In de
zomer bereikte het aandeel NIB een hoogtepunt van 73,80.
Afgelopen donderdag schoot NIB met 14,10 omhoog
naar een slotkoers van 63,10. Pikant genoeg wisselden ook
woensdag al forse pakketten van eigenaar. De betrokken partijen wilden
niet ingaan op de kanttekeningen van analisten en komen volgend jaar
met nadere mededelingen.
Zeventig procent van het NIB-vermogen bestaat uit gewone
A-aandelen. Daarvan is ruim de helft in handen van de Staat. De rest is
verdeeld onder de ING Groep (20%), een beleggingsfonds (meer dan 6%),
Stad Rotterdam verzekeringen (ASR, ruim 6%) en Amev/VSB (meer dan 5%).
ABP en PGGM hebben zelf al een belang van 4% aan A-aandelen in de NIB
opgebouwd. De rest is genoteerd aan de Amsterdamse effectenbeurs.
De beide pensioenfondsen zeggen in een gezamenlijk
persbericht te verwachten dat de Staat akkoord zal gaan met het bod.
Wel houdt de overheid gedurende vijf jaar vast aan het pakket
preferente aandelen B, dat een stemrecht van 15% vertegenwoordigt.
Naast de meer dan 65 miljoen A- en B-aandelen zijn er ook nog de ruim
11 miljoen preferente C- en D-aandelen, die in de jaren 1994 en '96
zijn uitgegeven aan de grote particuliere aandeelhouders om het eigen
vermogen van de NIB te versterken. Ook op deze aandelen wordt het bod
uitgebracht, waarmee het totaalbedrag op 4 miljard uitkomt. Bij
het welslagen van de missie blijft dus naast ABP en PGGM alleen de
staat als preferente aandeelhouder over.
Het meerderheidsbelang in de NIB zal vervolgens worden
ondergebracht in een aparte holding, waar ABP en PGGM allebei voor de
helft in deelnemen. In de vaderlandse geschiedenis is de aankoop van
een bank door pensioenfondsen uniek te noemen. Het is deels een logisch
gevolg van een veranderd beleggingsbeleid, waarin aandelen een zwaarder
gewicht zullen krijgen.
ASR liet donderdag direct weten niet van plan te zijn de
stukken aan te bieden. "De NIB moet doen wat ze wil doen",
aldus ASR-bestuursvoorzitter C. de Swart. "Ze hebben hun eigen
strategische positie. Wij zien geen aanleiding ons belang op te geven.
Er is ook geen enkele vraag in die richting gesteld. We zijn keurig op
de hoogte gebracht van het voornemen. De persoonlijke en zakelijke
verhoudingen zijn perfect." ASR heeft samen met de NIB een joint
venture op het gebied van hypotheken.
ING en Fortis willen nog geen commentaar leveren op het
overnameplan. Een analist van Rabo Securities noemt het "erg
vreemd" dat ASR niet is benaderd. "Maar ik neem aan dat het
allemaal met de andere grote aandeelhouders is voorgekookt."
Met de overname van Strating Effecten werd de NIB een
van de grote partijen aan de Amsterdamse effectenbeurs. Voor de
Amsterdamse beurshandelaren is de voorgenomen inlijving door PGGM en
ABP niet echt goed nieuws. "De pensioenfondsen willen een eigen
bank hebben", aldus een van hen. "Ze kopen de komende jaren
tientallen miljarden aan aandelen maar houden dankzij de NIB miljoenen
guldens aan provisie in eigen zak."
Daarnaast moeten de pensioenfondsen een vervanging
zoeken voor het steeds kleinere aanbod aan staatsobligaties. NIB is
onder meer zeer succesvol in het herfinancieren van grote portefeuilles
woninghypotheken. Een grote bank of verzekeraar kan een deel van zijn
vermogen vrijmaken door een pakket hypotheekleningen (al dan niet via
de NIB) te verkopen aan bijvoorbeeld een pensioenfonds, dat daarmee een
belegging met een constante en voorspelbare inkomstenstroom in handen
krijgt.
Het ABP, met zijn hoofdkantoor in het Limburgse Heerlen,
is naar verluidt het op twee na grootste pensioenfonds ter wereld. Het
belegd vermogen bedroeg eind vorig jaar rond de 270 miljard.
Gezien het gunstige beursklimaat zal dat inmiddels in de buurt van de
300 miljard liggen.
In het algemeen verzorgt het ABP de pensioenen van
ambtenaren en anderen die in overheidsdienst zijn geweest of bij
semi-overheidsorganen hebben gewerkt. Onlangs werd bekend dat ook de
pensioenen van het ministerie van Defensie bij het ABP worden
ondergebracht. Die werden eerst rechtstreeks uit de begroting vergoed.
In het jaar 2001 is een fusie voorzien van ABP en USZO, de
Uitvoeringsinstelling Sociale Zekerheid voor Overheid en Onderwijs.
Daarmee ontstaat één loket voor alle uitkeringen voor
ambtenaren.
Het ABP is al een aantal jaren geprivatiseerd, want voor
die tijd was het pensioenfonds in feite in handen van de overheid.
Sindsdien is het beleggingsbeleid op geheel andere leest geschoeid. Er
wordt veel meer in aandelen belegd omdat die op langere termijn een
hoger rendement geven dan obligaties. In de komende drie jaar zou het
ABP zijn aandelenportefeuille willen verdubbelen tot 120 miljard,
zo werd in maart van dit jaar aangekondigd. Dan zou 40% van het totaal
belegd vermogen in aandelen zijn belegd. Nu is dat nog 23%. Op Schiphol
is daartoe een nieuwe vestiging voor aandelenstrategie geopend.
Het ABP deed ook van zich spreken doordat het sinds kort
morele eisen stelt aan het beleid in ondernemingen waarin het belegt.
Openlijk had het ABP dit jaar kritiek op de zijns inziens extreem
gunstige optieregelingen van o.a. de top van de ING Groep.
Het PGGM is in grootte het tweede pensioenfonds van ons
land. Het verzorgt de pensioenen en VUT-uitkeringen van werknemers in
de gezondheidszorg. De totale beleggingsportefeuille bedroeg eind vorig
jaar rond de 79 miljard maar zal inmiddels rond de 88
miljard liggen.
PGGM was een van de eerste pensioenfondsen die besloot
meer in aandelen te gaan beleggen. Deze leveren weliswaar meer
rendement op dan obligaties, maar toch heeft PGGM besloten de premies
tot het jaar 2004 geleidelijk te verhogen. Volgend jaar gaat de premie
bijvoorbeeld al 1 procentpunt omhoog. Voorzitter drs. D.J. de Beus
waarschuwde er begin dit jaar voor dat de rendementen op beleggingen
niet steeds zo hoog zullen uitvallen als in de afgelopen jaren. In
voorgaande jaren waren de premies van het PGGM onder zware politieke
druk sterk verlaagd om het besteedbaar inkomen in de gezondheidssector
op peil te houden.
De NIB raakte bij het grote publiek bekend tijdens de
reddingsoperaties van vliegtuigbouwer Fokker en scheepswerf De Schelde.
Later kwam de bank in opspraak. De effectendochter NIB Securities lag
onder vuur bij justitie in het kader van de beursfraudeaffaire. De bank
hief de effectendochter op. Acht van de veertig personeelsleden bij NIB
Securities konden vertrekken.
Het gebouw van de Nationale Investeringsbank (NIB) in
Den Haag.
|