Gevangen
in de illegaliteit
door DAPHNE VAN DIJK
Uit het onlangs gepresenteerde
onderzoek 'Mensenhandel in Nederland' blijkt dat circa
een op de vijf prostituees in ons land slachtoffer
is van mensenhandel. De vrouwen, die in veelal het
Oostblok en Afrika geronseld worden, hebben vaak geen
idee wat hen hier te wachten staat. Vooral voor de
Nigeriaanse meisjes wordt de situatie steeds nijpender.
Jonger, lager opgeleid en doodsbang als gevolg van
voodoorituelen, durven ze geen aangifte te doen van
het misbruik. Vooralsnog kunnen ze voor hulp en advies
terecht bij het Nigeriaans Platform Nederland, maar
door het gebrek aan subsidie wordt dit binnenkort
opgeheven.

Illustratie: Dilys de Jong
Wilt
u reageren op dit artikel, klik dan hier
"Mijn leven was een regelrechte
hel", vertelt Susan, slachtoffer van vrouwenhandel.
Ze staart bijna emotieloos voor zich uit. Af en toe
kijkt ze schichtig over haar schouder. Susan, inmiddels
18 jaar, werd twee jaar geleden in haar geboorteland
Nigeria geronseld om in Ierland te gaan werken; in
een bar in Dublin of op een boerderij op het platteland.
En omdat Susan na een zwaar leven niets en niemand
meer had in Nigeria, besloot ze de stap te wagen.
Het werd een ticket richting nog meer ellende.
Madam, zo noemt Susan de vrouw die
ze in Nigeria ontmoette en die haar aan werk kon helpen
in Ierland. "Zij zou het ticket voorschieten
en een paspoort regelen en de kosten daarvoor moest
ik later dan terugbetalen", vertelt Susan. "Ik
had geen idee om hoeveel geld het ging en durfde het
niet te vragen. Later bleek dat het om 40.000 dollar
ging. Als garantie voor terugbetaling, moest ik met
haar mee naar een voodooman. Madam zei: 'Het is me
veel te vaak overkomen dan meisjes wegrennen als ze
in Ierland zijn en daarom moet je een eed afleggen'."
Tijdens de ceremonie waren nog
4 andere meisjes aanwezig. De voodooman knipte een
nagel af, wat hoofdhaar en schaamhaar en trok zich
terug. Na enige tijd kwam hij terug met een zwart
drankje dat Susan moest drinken. Vervolgens maakte
hij een snee in haar duim. Op een soort houten knuppel
moest Susan met het bloed uit haar duim zweren dat
ze de Madam zou terugbetalen...
Volgens onderzoekster Essy van Dijk,
die het rapport 'Mensenhandel in Nederland' schreef,
staat als nummer 3 op de lijst van ronsellanden Nigeria.
Andere hoge noteringen zijn voor Tsjechië, Oekraïne,
Polen, Rusland en Bulgarije. Het merendeel van de
met mooie beloften naar Europa gelokte vrouwen weet
niet om wat voor type werk het gaat, maar wordt een
baantje in de horeca of huishouding voorgespiegeld.
Bijna altijd worden dwangmiddelen gebruikt om te voorkomen
dat de vrouwen weglopen of aangifte doen. Afrikaanse
vrouwen worden vaak geïntimideerd met voodoo.
"De meisjes krijgen dan bijvoorbeeld te horen
dat ze, wanneer ze zich niet aan hun belofte houden,
nooit meer kinderen zullen krijgen, hun familie ziek
wordt of dat ze gek worden", legt Paul Oviawe
van het Nigiriaans Platform Nederland uit. Uit het
onderzoek blijkt verder dat Afrikaanse meisjes ook
minder vaak bereid zijn aangifte te doen omdat ze
nog erg jong zijn en bovendien meestal laag opgeleid.
Susans levensverhaal is een aaneenschakeling
van ellende. Nadat haar vader hertrouwde en haar moeder
de straat opgeschopt had, werden Susan, haar tweelingzusje
en twee broertjes bij oma, de moeder van vader, ondergebracht.
Die ontpopte zich tot een hysterische tiran.
"Mijn grootmoeder was gek,
een heks, een duivel!", vertelt Susan in een
Amsterdams café. "In het dorp waar we
woonden was ze voodoovrouw. Ze maakte ons bang als
ze zei: 'Ik kan altijd zien waar jullie uithangen'.
Of: 'Pas maar op, anders verander ik je in een kat!'
Soms kregen we dagen niet te eten. Ik was de enige
die naar school mocht omdat ze een man kende die mijn
schoolgeld betaalde. Naar later bleek omdat hij met
me wilde trouwen."
Op een dag toen Susan uit school kwam,
waren haar broers en zusje verdwenen. Volgens oma
hadden ze gewoon de benen genomen. "Maar dat
heb ik nooit geloofd."
Godsdienstrellen
Tijdens de godsdienstrellen tussen
christenen en moslims brandde uiteindelijk het huis
van Susans oma af. De grootmoeder kwam om, Susan zelf
ontsnapte op het laatste moment. "En toen had
ik niemand meer", zegt ze en wrijft over haar
paardenstaart.
"Ik sliep onder bruggen, bedelde
op straat om voedsel en kwam uiteindelijk een vriendin
tegen. Via haar zus kwam ik een contact met Madam
die me beloofde te helpen met het opbouwen van een
nieuw leven.
Na het voodooritueel kreeg ik een
Iers paspoort in handen gedrukt en werd ik met nog
drie meisjes op het vliegtuig naar Schiphol gezet.
Er reisde een man met ons mee, maar die mochten we
absoluut niet aanspreken." Op Schiphol ging het
mis. De andere meisjes en de man kwamen wel door de
paspoortcontrole, maar Susan viel door de mand. Het
paspoort bleek gestolen en de foto op haar paspoort
leek niet op haar. "Dat had ik wel gezien ja,
maar in Nigeria deden ze daar bij de douane ook niet
moeilijk over. Wist ik veel."
Susan kwam in de asielprocedure terecht
en moest in een Asielzoekerscentrum (AZC) in Den Bosch
haar aanvraag afwachten. En daar begonnen de nachtmerries
waarvan Susan gelooft dat ze door de voodooman opgewekt
zijn. "Ik droomde dat ik in het water viel en
dat ik me nergens kon vastgrijpen. Of ik droomde dat
de voodooman achter me aanrende, maar dat ik nergens
heen kon omdat aan het einde vuur is."
De dagen kabbelden voort in afwachting
van de asielprocedure. Afgelopen januari op het station
van Den Bosch werd Susan benaderd door een Nigeriaanse
man. Het leek te klikken. De volgende dag spreken
ze weer af. Hij nam haar mee naar een feest in Amsterdam.
Ze bleven slapen. Die nacht kreeg Susan weer nachtmerries.
Toen ze hem het verhaal vertelde, zei hij dat hij
wel een voodooman kende die haar van de nachtmerries
af kon helpen. Ter voorbereiding op de ontmoeting
moest ze een drankje drinken. Er bleken drugs in te
zitten.
"Ik kon helemaal niet meer helder
denken. Ik kan me wel herinneren dat ik een paspoort
in mijn handen kreeg en dat we uren in de bus zaten
en op een boot. Uiteindelijk werd ik in een leeg gebouw
achtergelaten. De volgende dag haalde Madam me op.
Ze sloeg me keihard in elkaar en nam me mee naar een
seksclub. Daar moest ik mijn schuld afbetalen."
Susan bleek in Londen te zijn beland.
Zonder geld of haar portemonnee met het visitekaartje
van haar advocaat. "Met mij zaten er nog 5 Nigeriaanse
vrouwen in die club. In je eigen kamertje sliep je
en ontving je de klanten. Het geld dat we verdienden
met de prostitutie moesten we afstaan aan Madam. Ik
was doodsbang en durfde niemand te vertrouwen, ook
niet de mannen die mij bezochten. Een meisje zei dat
ik het best in mijn lot kon berusten. Ze zat er al
drie jaar, maar zij had nog familie in Nigeria. Ik
had niemand meer die ze in Nigeria pijn konden doen.
Ik was alleen maar bang voor mijn eigen leven."
Uiteindelijk wist Susan met behulp
van een van haar vaste klanten te ontsnappen. "Ik
smeekte hem mij te helpen. Ik zei niet dat ik wilde
ontsnappen, maar dat ik nog nooit het bordeel uit
was geweest. Hij gaf me aardig wat geld en zei tegen
Madam dat ik wat voor hem moest gaan kopen. Toen ik
de club uit was, ben ik als een gek gaan rennen. Ik
was doodsbang. Bij het Victoria station heb ik een
ticket naar Nederland gekocht."
Bij de paspoortcontrole in Brussel
liep Susan opnieuw tegen de lamp. Ze werd teruggestuurd
naar het asielzoekerscentrum waar ze een half jaar
daarvoor ook al zat. "Het was inmiddels juli.
Al mijn spullen waren weggehaald, mijn boeken, mijn
kleren, mijn portemonnee. En omdat ik me een half
jaar niet gemeld had, was ik uit de asielprocedure
gezet en kon ik weer helemaal opnieuw beginnen."
Susan was namelijk uit het systeem
geschreven onder het code MOB: vertrokken Met Onbekende
Bestemming. Wie als asielzoeker in de procedure wil
blijven, moet zich eens in de twee weken melden op
het asielzoekerscentrum. Doet een persoon dat niet,
dan wordt hij aangemerkt als MOB. Als asielzoeker
kun je opnieuw een aanvraag doen, mits er sprake is
van nieuwe feiten en omstandigheden. Voor vrouwen
die slachtoffer zijn van vrouwenhandel, is er een
speciale regeling die B9 heet. Tot aan het proces
tegen de daders krijg je dan een tijdelijke verblijfsvergunning.
Nelleke Mulders, werkzaam als juriste
bij de Stichting Rechtsbijstand Asiel, heeft Susan
bijgestaan in haar asielprocedure. "Susan in
uitgeprocedeerd en verblijft daarom illegaal in Nederland.
Een herhaald asielverzoek maakt alleen kans als er
sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden. Daarvan
lijkt in het geval van Susan geen sprake te zijn.
Ik heb haar geadviseerd aangifte van vrouwenhandel
te doen."
Ze voelt zich niet veilig. Is nog
steeds bang voor de Madam en voor de voodoo. Inmiddels
verblijft ze illegaal bij een vriend. "Ik heb
geen geld, geen verblijfsvergunning. Hoewel ik mijn
ticket uit Londen wel bewaard heb, kan ik verder niks
bewijzen. Ik weet niet hoe Madam verder heet, waar
ik haar kan bereiken, en waar het bordeel was. Ik
weet niet meer wie ik kan vertrouwen. Ik bid elke
dag dat ik niet terug hoef naar Nigeria. Ik ben doodsbang.
Bij het Nigeriaans Platform hebben ze mij geadviseerd
niet met zwarten te praten, tenzij ze een uniform
dragen. Als Madam mij weer vindt, vermoordt ze mij.
Ik wil gewoon een mens kunnen zijn,
op straat lopen zonder steeds naar links en naar rechts
te hoeven kijken. Ik wil me vrij voelen en ik zou
dolgraag naar school willen. Maar dat kan dus nu allemaal
niet. Soms denk ik dat de voodoo echt werkt. Dat ze
me gek proberen te maken. Waarom kan ik me immers
niet meer herinneren waar die Nigeriaanse man me in
Amsterdam mee naartoe nam? Waarom heb ik in Londen
niet even naar het straatbordje gekeken?" Susan
staart naar buiten. "Denk jij dat het ooit nog
goed komt? Dat iemand mijn verhaal gelooft en dat
ik misschien toch in Nederland mag blijven?"
Paul Oviawe van het Nigeriaans
Platform begrijpt dat de Nederlandse autoriteiten
nieuwe bewijzen willen hebben voor een asielprocedure,
maar vindt het jammer dat men niet meer aandacht heeft
voor de psychische druk van voodoo, het aanroepen
van goden om de macht over de meisjes te vergroten.
"Ze begrijpen niet hoe ongelooflijk bang deze
hele jonge meisjes als Susan zijn, en dat ze daarom
geen aangifte durven te doen."
Het steunpunt voor minderjarige Nigeriaanse
prostituees stopt deze maand na ruim twee jaar omdat
de Stichting Kinderpostzegels de subsidie staakt.
De gemeente Amsterdam heeft een subsidieverzoek afgewezen
omdat er onder andere volgens de gemeente al een adequaat
zorgaanbod bestaat voor slachtoffers van vrouwenhandel
en omdat die hulp niet per nationaliteit georganiseerd
hoeft te zijn.
Om privacyredenen is de naam Susan
gefingeerd.
|