Mama
is niet gek maar ziek
door Anita Zijlstra
Iedereen is weleens bang. Maar
vijf tot tien procent van de bevolking heeft last
van extreme fobieën, angsten en paniekaanvallen. Een
drama, voor patiënt en partner of ouder die vaak met
de handen in het haar zit. Want wat moet je met een
geliefde die denkt dat hij het doelwit is van een
schietende bende in een serie op een tv? Een kind
dat onophoudelijk zit te friemelen, omdat een stemmetje
zegt dat het moet? Of een echtgenote die doodsangsten
uitstaat haar kinderen iets aan te doen?

Illustratie: Dilys de Jong
Wilt
u reageren op dit artikel, klik dan hier
"STEIN - Als haar man haar had
verlaten, had Roos Vossen daar begrip voor gehad.
Al zeventien jaar lijdt de 43-jarige Limburgse aan
extreme paniekaanvallen, waardoor ze jarenlang de
deur niet uit durfde. Bang om weer net zoals de eerste
keer overvallen te worden door duizelingen, tintelingen,
hartkloppingen en benauwdheid. "Bang om gek te worden",
zegt ze nu lachend. Vorige week kwam onder eigen beheer
haar boekje 'Tussen Hemel en Aarde' uit.
Dochter Bianca was er al aan gewend
dat mama halverwege met de fiets terug huis naar ging
omdat ze zich weer eens niet lekker voelde. Haar man
Hein wist niet beter dan dat ze iedere nacht vijf
keer alle sloten in huis controleerde en drie keer
aan het touwtje van de slaapkamerlamp trok voordat
ze kon gaan slapen. En ook zoon Peter keek er niet
meer van op als papa na zijn werk het eten klaarmaakte.
Want Roos deed niet veel meer dan in bed of op de
bank liggen. Hein Vossen: "Toen ze eens voorstelde
om een tijdje naar een rusthuis te gaan zei ik: 'Tot
rust komen? Je doet thuis niets anders'!"
Geringste
Hij
is gek op zijn vrouw. Altijd geweest, maar, zo zegt
hij eerlijk, als de kinderen in haar slechtste periode
niet zo klein waren geweest, had hij toch voor zichzelf
gekozen. "Alles in huis draaide om Roos. Er was altijd
wel wat. Ze stikte van de angst en belde me om het
minste of geringste. Ik raakte ook in paniek, maar
dan om mijn baan te verliezen", klinkt het droogjes.
- Roos vond bij weinig mensen gehoor. "'Ach meid,
ik ben ook weleens bang', probeerden ze ongetwijfeld
goedbedoeld. Maar daar gaat het niet om. Zelfs de
huisarts begreep me niet. 'Kijk naar buiten Roos,
het zonnetje schijnt', zei hij dan. 'Dat klopt dokter,
maar binnen in mij niet'. Stress, luidde zijn diagnose."
Pas zes jaar geleden kwam Roos er
tijdens een behandeling in het Academisch Angstcentrum
in Maastricht (AAC) achter dat haar onvoorspelbare
en oncontroleerbare acute aanvallen van extreme angst
mogelijk te maken hebben met een verstoring in het
zenuwstelsel. Een ziekte, die goed te bestrijden is
met pillen en gedragstherapie. "Wat een opluchting
was dat. Ik was niet gek, alle symptomen hoorden bij
mijn ziektebeeld."
Ze schreeuwde het letterlijk van
de daken. "Ik zat te rekenen, vijf tot tien procent
van de bevolking, dat zijn honderdduizenden mensen!
Het merendeel zou net als ik vast jarenlang van het
kastje naar de muur worden gestuurd. Ik moest en zou
ze helpen."
Inmiddels is Roos Vossen, die
in eigen beheer drie boekjes heeft uitgegeven over
haar jarenlange strijd, een expert in angst en paniek.
Bij haar particuliere Angst Adviesbureau Roos Vossen
(www.roosvossen.nl) dat ze twee jaar geleden spontaan
oprichtte, hebben zich inmiddels zo'n vierhonderd
mensen aangemeld met de meest uiteenlopende, onbegrepen
klachten. Zoals een zweetfobie: "Als er mensen
in de buurt zijn, ben ik binnen tien minuten drijfnat."
Of een sociale fobie: "Van het idee dat ik
uit eten moet, verlies ik alle controle over mezelf
en doe ik het letterlijk in mijn broek." Of een schrijffobie
ten gevolge van faalangst: "Mijn handen beginnen
zo te trillen dat ik geen letter meer op papier krijg.
Het lijkt er nu op dat ik niet beef door de angst,
maar bang ben omdat ik beef." "Of valangst,
slikangst, smetvrees of angst voor
ernstige ziekten (hypochondrie)", bladert Roos
verder door de dikke dossiers.
Spiegel
Ze wil zich nu hardmaken voor de partners
en ouders van de patiënten. "Echt een vergeten groep.
Wat moet je met een zoon die zich iedere morgen twee
uur in de badkamer opsluit om met zijn haar bezig
te zijn? Dat is een dwangneurose, ten gevolge van
faalangst. Hij komt keer op keer te laat op school.
Gaat soms helemaal niet. Maar hij móet voor zijn gevoel
precies zo lang voor de spiegel staan. Anders gebeurt
er iets."
Ze slaakt een zucht. "Hier: een moeder.
Het kind zit sinds kort onophoudelijk te friemelen.
Als iemand vraagt waarom ze dat toch doet, zegt ze:
'omdat het móet!' En moet je je voorstellen dat je
man ervan overtuigd is dat de mensen op de radio het
tegen hem hebben, de slechteriken in een tv-serie
het op hem hebben gemunt en hij soms bang is dat de
lampjes op het dressoir hem willen vermoorden? Ja,
dat is extreme chronische derealisatie."
Ook beangstigend is het idee dat
je partner bang is je eigen kinderen iets aan te doen.
Roos Vossen kent het gevoel. "Messen, scharen, alles
wat scherp is, bracht een naar gevoel bij me teweeg.
Alsof ik een ander iets wilde aandoen. En dan altijd
degenen die het dichtste bij staan. Ik begrijp nu
wel dat Hein me soms niet alleen durfde te laten",
zegt ze eerlijk.
De verhalen die ze per e-mail binnenkrijgt
of persoonlijk aanhoort als ze op huisbezoek gaat,
zijn hartverscheurend. "Mensen hebben eindelijk een
luisterend oor gevonden. Sommigen zijn 20, 30 jaar
lang de deur niet uitgeweest. Een hel voor patiënt
en partner."
Roos Vossen wil samen met drie ervaringsdeskundigen
een patiëntenvereniging opzetten, waarbij aandacht
voor partners, ouders, kinderen en anderen uit de
naaste omgeving van fobielijders ook een centrale
rol gaat spelen. Het AAC staat achter hun initiatief.
"Acceptatie is het sleutelwoord. Aanvaard dat je partner
ziek is en zich niet aanstelt. En weet dat er hoop
is. Kijk maar naar mij!"
|