Karina Meeuwse volgde Nederlandse kooplui
naar 17e-eeuws Rusland: een geschiedenis
aan de vergetelheid onttrokken

'De Ruslui'

door Dick van den Heuvel

Talloze verborgen geschiedenissen moet ons land nog kennen. Het zijn vooral de documentaire filmmakers die ze een voor een weten bloot te leggen. Want wist u dat wij Nederlanders ooit zelf allochtonen in het Russische St. Petersburg waren geweest. Karina Meeuwse en Leo de Boer trokken de geschiedenis van de Hollandse linnenverkopers na die rond 1820 vertrokken naar Rusland om daar hun heil te beproeven en maakten daarover de semi-documentaire-speelfilm 'De Ruslui'.

"Ik was in een klein museum in Vriezenveen en kreeg daar een prachtig stapeltje brieven in handen", zegt Karina Meeuwse over het ontstaan van het project. "Ze waren vooral geschreven door kinderen om aan hun grootouders en andere familieleden te vertellen hoe het ze verging daar in den vreemde. Op die manier werd het beeld van die grote groep emigranten plotseling navrant duidelijk. En meteen wist ik, dit moet ik vertellen in een film."

Rond 1720 zat de klad een beetje in de linnenverkoop. De marskramers met hun manden vol prachtige geweven stoffen raakten hun spullen aan de straatstenen niet meer kwijt. Een van hen hoort bij toeval over St. Petersburg dat de 'Nederlandse' tsaar Peter net daarvoor had gesticht. Een nieuwe stad, met nieuwe behoeftes en dus een nieuwe markt voor textiel. Hij vertrekt naar het Oosten en komt niet veel later als een steenrijk man terug.

Daarop volgen er meer avonturiers en zij hebben wellicht nog meer succes dan die eersteling. In een van de straten van de Russische stad richt de familie Engberts zelfs een warenhuis in. Pas in 1917 komt er een einde aan de voorspoed als de Revolutie een einde maakt aan al het kapitalisme. Berooid komen de Ruslui terug in Vriezenveen waar ze zich nauwelijks meer Nederlander voelen, zoals ze zich in de eeuwen daarvoor ook nooit Rus hebben gevoeld in St. Petersburg.

'De Ruslui' volgt een nazate van de familie Engberts, Aninka Tellegen, terug naar het Nederlandse dorp en de Russische stad die voor dit verhaal zo belangrijk zijn. Haar tocht wordt gelardeerd met kleine stukjes drama die ons meenemen naar twee eeuwen her, toen families de risicovolle emigratie ondernamen.

"Ik wist meteen dat ik spelscènes nodig had om deze film te kunnen maken", zegt Meeuwse daarover. "Je kunt niet volstaan met een interview en shotjes van de huizen waar het zich allemaal in heeft afgespeeld. Voor mij kwamen de beelden meteen op gang toen ik die brieven las. Ik wist dat ik het jongetje wilde laten zien dat op een kar stapt en met zijn ouders de grens over gaat, in Lübeck koffie drinkt in een postkantoor en kou en regen trotseert voor een betere toekomst."

Het research leverde zo'n rijk verhaal op dat Karina Meeuwse al snel wist dat ze aan de zestig minuten die haar film mocht duren niet genoeg zou hebben. "Je moet je beperken tot een paar lijnen die je kunt vertellen in beeld. Maar het was heel verdrietig om te zien dat daardoor allerlei andere gegevens en anekdotes min of meer voorgoed weer in de vergetelheid gedrukt zouden worden. Daarom besloot ik een boek te schrijven dat naast de film moest uitkomen."

Het werk werd daardoor loodzwaar. Terwijl ze de film monteerde, moest ze in elk vrij uurtje aan het boek schrijven. "Het was natuurlijk alleen maar interessant als de film en het boek tegelijk zouden uitkomen, maar voor beide 'producties' was ik verantwoordelijk. Gelukkig had ik voor de film een co-regisseur, Leo de Boer, die veel van de puur filmische taken van mij heeft overgenomen en vooral in de montage een zeer belangrijke rol heeft gespeeld."

Het kwam Karina Meeuwse overigens niet slecht uit dat 1996 het Tsaar Peter-jaar is geworden. "Toch hebben we dit project niet bedacht om die reden. Maar het is prettig om in de stroom van al die activiteiten mee te kunnen draaien. Het betekent onder andere dat we de film kunnen laten zien in St. Petersburg. Moderne Russen weten niets van deze geschiedenis, overigens net als de meeste Nederlanders. Maar het feit dat de film niet meer op zichzelf staat, maar onderdeel uitmaakt van een geheel, levert gewoon broodnodige aandacht op voor het project. Het zou toch jammer zijn als dit soort mooie geschiedenissen verdoemd zijn om in de vergetelheid te blijven."

Meer dan twee jaar is ze intensief met 'De Ruslui' opgetrokken. Het is een deel van haar leven geworden. "Ik merk ook dat het moeilijk is om afscheid van ze te nemen. Tot nu toe had ik nog steeds een taak. Het laatste hoofdstuk schrijven, de titelrol aan de film knippen, dat soort zaken. En nu blijf ik nog een tijdje bij de film. Waar hij gedraaid wordt, ben ik ook om toelichting te geven. Maar ik zal nu wel weer afscheid moeten nemen en op jacht moeten naar een nieuw onderwerp. Ja, ik ben een paar dingen aan het voorkoken en een daarvan heeft weer met Rusland te maken. Want helemaal los van zo'n onderwerp kom je natuurlijk nooit."

Foto onder: Scène uit 'De Ruslui'

Publicatie 19 september 1996