Den Haag - Minister Jan Pronk (62) gaat uit de politiek. Hij zal zijn Tweede-Kamerzetel niet innemen. Hij wil plaats maken voor een jonger lid, maar wordt overigens opgevolgd door het 55-jarige Kamerlid Saskia Noorman-Den Uyl. Hij blijft nog wel tijdelijk demissionair minister van Milieu en aast op een internationale functie.
Pronk was de laatste politicus die nog over was uit de roerige jaren zeventig, een leerling en bewonderaar van de toenmalige PvdA-voorman Den Uyl. Hij trad in 1973 als 33-jarige tot diens kabinet toe als jongste minister van Ontwikkelingssamenwerking. Nederland werd koploper in de omvang van de ontwikkelingshulp.
Volgens zijn critici gaf hij veel te veel geld uit zonder dat Nederland er zelf van profiteerde. Geld verdween in bodemloze putten en bij corrupte regimes. Hij gaf ook steun aan communistische landen als Cuba, en steunde bevrijdingsbewegingen in bevriende landen.
In de jaren zeventig was hij de stuwende kracht achter de onafhankelijkheid van Suriname en de miljardenschenking aan dat land. Hij trok ook veel geld uit voor de bewustwording van Derde Wereld-problemen wat hem het verwijt opleverde te manipuleren.
Hij was in die tijd niet bij iedereen geliefd. Men vond hem soms een irritante betweter die anderen voor de voeten liep. De minister van Buitenlandse Zaken Van der Stoel werd soms gek van hem.
In 1975 werd zijn politieke carrière bijna in de kiem gesmoord toen hij totaal door alcohol beneveld zijn auto in de sloot reed. Maar hij werd tot een geldboete veroordeeld. Zijn drankgebruik was berucht en leidde tot menig internationaal incident dat zijn vrienden met de mantel der liefde bedekten. Op 7 mei 1984 zwoer hij de drank af. Hij dronk nooit meer een druppel.
Na zijn ministerschap wordt hij plaatsvervangend secretaris-generaal van de UNCTAD, de VN-organisatie voor handel en ontwikkeling. In 1989 wordt hij in het derde kabinet Lubbers weer minister van Ontwikkelingssamenwerking. Ook daar loopt hij telkens andere ministers voor de voeten, door twijfels over het beleid te zaaien, onder meer over de Nederlandse deelname aan de Golfoorlog. Hij zet de verhouding met Indonesië op scherp.
Als minister gaat hij gewoon zijn gang, niemand heeft meer zin om ruzie met hem te maken. Intussen worden zijn ambtenaren gek van hem omdat hij alles beter weet en zich overal mee bemoeit. Als Herfkens hem opvolgt, wijzigt ze tot woede van Pronk het beleid.
Kok benoemde Pronk ("minister van beroep") tot ieders verbazing tot minister van Milieu waar hij het zijn collega's niet al te lastig maakt, ook al houdt hij gesprekken in het kabinet lang op. Hij is voornamelijk bezig met het internationale beleid waar hij groot succes oogst met afspraken over beperking van de uitstoot van CO2. Zijn Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening maakte weinig indruk.