4e etappe - 15 juli

Revanche voor papieren zege

Een overwinning met bloemen.
Ruim twaalf maanden snakte hij naar erkenning. Het afgelopen jaar had Jeroen Blijlevens na de diskwalificatie van Erik Zabel in Marennes dan wel een Tour-rit gewonnen, maar niet het zegegebaar gemaakt. Winst zonder glorie, waardoor zijn status werd aangetast. Onbewust kwam Jerommeke in een vergeten hoekje te staan. De vuurspuwende sprinter was niet meer de grote held van het Nederlandse cyclisme. Ondanks de twijfels van de buitenwereld bleef de Brabander in zichzelf geloven, de ploeg hield het volste vertrouwen in hem en met een enorme push liet hij op de Avenue Mauceau zien dat alle aandacht op de meet ligt.

Met een gezonde portie ijdelheid, die een ware sportman typeert, kwam Blijlevens terug op grote hoogte. Zijn vreugdekreten gingen weer de ether in, zijn sprongetje op het podium was in miljoenen huiskamers te zien. In het Brabantse dialect liet hij zijn dankbaarheid horen. "Waar zijn mijn maten", waren zijn de eerste woorden na de geslaagde krachtexplosie. Honderdvijftig meter voorbij de streep zat hij uitgezakt tegen het hekwerk, snakkend naar adem. De klus zat erop, de eerste buit was binnen. "Maar dit is niet alleen een zege van Blijlevens, maar van de hele ploeg", toonde hij zijn dankbaarheid.

Jeroen Blijlevens wint in CholetDe TVM-Farm Frites-formatie loodste de sprinter inderdaad perfect door het Bretonse land. Toen Damien Nazon en Jacky Durand weg waren, namen ze hun verantwoordelijkheid. Waar de ploegen van de andere sprinters (Saeco, Mapei en Telekom, red.) zich op kop nestelden, deed ook debutant Steven de Jongh zijn werk meer dan voortreffelijk. "De afgelopen dagen hebben we op de hotelkamers veel vergaderd", analyseerde Blijlevens. "Het ploegwerk moet precies op elkaar afgestemd zijn, iedereen moet duidelijk zijn taak weten. We hadden van tevoren al gezegd dat wij pas in de laatste kilometers met de hele ploeg gingen rijden. Dan heb ik het meest aan hun steun. In de finale ging het bliksemsnel, maar ik voelde dat ik superbenen had. 'Doe er maar een schepje bovenop, want ik ga winnen', riep ik tegen mijn ploegmaten."

Met zes renners waren de manschappen van Blijlevens op drie kilometer van de streep vertegenwoordigd op kop van het peloton. Toen Mario Cipollini vijfhonderd meter verder in vijftiende positie in een haakse bocht onderuit ging en een tiental renners over hem heen tuimelden, zat de 26-jarige Nederlandse krachtpatser op rozen. Servais Knaven, Lars Michaelsen en Sergei Utchakov als laatste luitenant hielden de trein op stoom. "De val gebeurde naast mij, maar ik kon de renners gelukkig ontwijken. In de laatste kilometer zat ik in het wiel van Baldato en Minali die achter ons treintje reden. Even viel er een gaatje, maar ik kon snel naast Minali komen. Ik keek voor me naar de streep en dacht nu of nooit. Deze winst laat ik niet glippen. Als ik goed geplaatst zit, ben ik gewoon een van de snelsten, nee zeg maar gewoon de beste."

De eerste drie dagen was hij onzichtbaar. In Dublin 21e, in Cork 9e en in Lorient 160e. "Niet in paniek raken, rustig blijven. Gelukkig heb ik die gedachte gehouden. Voor de Tour heb ik al gezegd dat ik me volwassen voelde. Ik ben ouder en ben mijn leven en de wielersport meer gaan relativeren. De afgelopen drie jaar won ik steeds de vijfde of zesde rit. Toen het de eerste dagen niet lukte ben ik steeds blijven geloven dat mijn kans nog wel kwam. Waar ik me anders liet opjagen door nederlagen, bleef ik nu zelfverzekerd."

Ook bij ploegleider Cees Priem was de opluchting groot. "De Pyreneeën kwamen toch snel dichtbij. In Lorient was de aankomst al op het lijf van Blijlevens geschreven. We hadden die finish niet verkend en achteraf baalde ik wel dat die rit niet op een sprint is uitgedraaid. De afgelopen dagen keken de ploegen van de sprinters veel te veel naar elkaar. Ook de grote jongens, Zabel en Cipollini, waren te veel met elkaar bezig, waardoor renners van het tweede garnituur profiteerden. Daar is in het peloton over gesproken en gelukkig nam nu wel iedereen zijn verantwoordelijkheid."

Het eerste succes is binnen en daarmee is de Tour en ook het seizoen voor Blijlevens geslaagd. Alleen kan hij nu bewijzen dat hij in de afgelopen vier jaar progressie heeft geboekt. Steeds won hij een rit in de Tour, nu moet er meer uitkomen. "Fysiek behoor ik bij de besten. Ik hoef qua snelheid en macht niet onder te doen voor Cipollini en Zabel, maar zij winnen meer etappes in de belangrijke rondes. Daarom sta ik nu nog onder hen, maar ik heb nog dik twee weken om daar iets aan te doen."

Vierde etappe, Plouay - Cholet: 1. Blijlevens (TVM) 252 km in 5.48.32, 2. Minali (Ita/RIS), 3. Svorada (Tsj/MAP), 4. Moncassin (Fra/GAN), 5. Tsjmil (Bel/LOT), 6. Zabel (Dui/TEL), 7. Steels (Bel/MAP), 8. Michaelsen (Den/TVM), 9. Sciandri (GBr/FDJ), 10. Baldato (Ita/RIS), 11. Vierhouten (RAB), 12. Fagnini (Ita/SAE) 0.04, 13. Martinello (Ita/POL) 0.06, 14. Riis (Den/TEL), 15. Heulot (Fra/FDJ), 16. McEwen (Aus/RAB), 17. Voskamp (TVM), 18. Guesdon (Fra/FDJ) 0.08, 19. Casero (Spa/VIT), 20. Mauri (Spa/ONC), 45. Boogerd (RAB), 58. Moerenhout (RAB), 76. Knaven (TVM), 110. Van Bon (RAB), 141. Den Bakker (RAB), 155. Jonker (RAB), 160. De Jongh (TVM). Opgegeven: De Beni (Ita/RIS), Schiavina (Ita/ASI).